Chanoeka

Chanoeka

Chanoeka is een lichtfeest met acht lichten. Het feest is als een door de nood ontstane deugd ontstaan. Vijanden waren uit op totale vernietiging van Israël. In een gigantische geestelijke machtsstrijd, waarin G’d altijd overwint, maar waarin soms heel veel bloed vloeit, werden de Syrisch-Griekse legers uiteindelijk verslagen. De moeilijkheden met de Syriërs zullen wel nooit ophouden, maar toen even wel. In 323 voor deze jaartelling stierf Alexander de Grote. Hij had toen vanuit Griekenland het hele Nabije Oosten veroverd. De leiders die hem opvolgden begonnen dat rijk te verdelen. Het waren de regeringen in Egypte en Syrië die toen al onderling verdeeld waren over het kleine gebied van Israël. Syrië won deze strijd. En op het moment dat koning Antiochus IV Epiphanes (ook: Epimanes, de gek) een beeld van de god Zeus Kirios – met het gezicht van de koning zelf! – in Jeruzalem plaatste en bovendien de Sjabbat ging verbieden, naast het onderwijs uit de Tora en de besnijdenis, in een poging zijn positie tegen de Ptolemeeën van Egypte te versterken en geen onderlinge verschillen tussen de diverse bevolkingsgroepen in zijn rijk toe te staan, ging dat de Joden veel te ver. Hij offerde zelfs een varken op het Tempelaltaar. Een massale opstand brak uit in 168 voor deze jaartelling. Deze werd geleid door een priesterfamilie, de Maccabeeën.

De Maccabeeën komen te hulp

Zij doodden vele Griekse soldaten en vluchtten toen naar de bergen. Ze werden gevolgd door duizenden Joodse mensen. Daarop volgde een driejarige oorlog tegen het oprukkende hellenisme (de Griekse "beschaving") en zijn heidense en occulte gebruiken. Ze vochten tegen een onoverwinnelijk leger, en ze wonnen, in het jaar 165 voor de gangbare jaartelling! Het woord Maccabi is een acrostichon, een naam bestaande uit de beginletters van de zinsnede, Mi Chamocha Ba’Eliem Adonai, wat betekent: Wie is als U onder de goden, o Eeuwige? (Exod.15:11). Volgens een bepaalde traditie was het woord ”Maccabi” de strijdkreet van de Joodse vaderlandslievenden die in oorlog waren met de Syrische en Griekse soldaten in het jaar 165 voor de gangbare jaartelling. Volgens een andere theorie betekent het woord Maccabi: hamer, afkomstig van de wortel makaw. Makèwet betekent hamer. En Jehoeda, de leider van de opstand tegen de Syriërs en de Grieken, droeg deze naam vanwege zijn grote kracht.

Weer licht

In 165 heroverden de Hasmoneeën de Tempel op het Syrisch-Griekse leger. Onmiddellijk daarna zijn zij aan het herstel van het altaar begonnen. Het vijandige leger dat, zoals alle vijanden van Israël, de Tempel had verontreinigd en met name de olie voor de Menora, de zevenarmige kandelaar, brachten Israël daarmee in grote problemen. Maar men vond één kruikje olie met een ongebroken zegel van de hogepriester. De Talmoed vertelt in Sjabbat 21 B dat deze hoeveelheid voldoende was voor één dag. In geloof werd de Menora aangestoken en een wonder vond plaats: de lichten bleven acht dagen branden. Zo vergoedt de Eeuwige wat door de vijanden van Israël lijkt te worden afgebroken! Een ander verhaal zegt dat de zonen van Mattathias, die het Syrisch-Griekse leger hadden verslagen, de Tempel binnenkwamen en daar toen acht speren van ijzer vonden. Zij duwden deze speren in de grond en staken een licht boven in elke speer aan. In Israël kunt u deuren vinden, waar een vaste Chanoekalamp aan de buitenkant van het huis is bevestigd, naast de deur en de mezoeza. Dit is om de Joodse orthodoxe traditie van het tonen van je licht aan anderen te respecteren.

Hoe vieren we Chanoeka?

Yeshua vierde dit feest en dat is voldoende reden om het, als Zijn volgelingen, ook te vieren. In de eerste brief door Johannes staat dat wie Hem kennen en in Hem blijven, Zijn geboden dienen te bewaren en zelf ook zo wandelen als Hij gewandeld heeft (1 Joh.2:3-6). Hoe vier je het, is dan de praktische vraag. Naast de heerlijke Chanoekagerechten, als latkes en soefganiot – gefrituurd in olie, symbool van het wonder! -, en naast Chanoeka beignets, steken we lichten aan. We gebruiken hiervoor een Chanoekia, een acht (plus één)-armige kandelaar. Acht waxinelichtjes op een rij is ook goed, als u niet anders heeft. Olie wordt ook als brandstof gebruikt omdat het een product is dat zo nauw verbonden is met het land Israël. Bovendien is dat ook de brandstof die origineel werd gebruikt. Tussen haakjes, de zevenarmige kandelaar is niet toegestaan om te hebben, omdat dat een afbeelding is van de Tempelkandelaar, te heilig om in onze huizen te staan. Op Erev Chanoeka ontsteken we de eerste kaars.

De lichten aansteken

De Chanoekia behoort van buiten af zichtbaar te zijn. Die eerste kaars is de meest rechtse. U laat hem helemaal opbranden. De volgende avond worden er twee kaarsen gezet. Wanneer u die twee kaarsen aansteekt, begint u met de nieuwe, die links van de kaars staat die u gisteren opbrandde. En elke volgende avond wordt er een kaars bijgezet. U doet dat door rechts de eerste kaars te zetten en dan naar links toe daaraan kaarsen toe te voegen. Zo werkt u van rechts naar links. Maar u steekt ze aan, beginnend bij de kaars die het meest links staat. De reden daarvoor is om aan te geven, dat het wonder toenam. De kaars, de negende, waarmee u de anderen aansteekt, heet de Sjammasj, de Dienaar. En wanneer we dan bedenken dat Yeshua het Licht der wereld is, en dat Hij is gekomen niet om gediend te worden, maar om te dienen (zie Markus 10:45), dan is deze Sjammasj wel heel bijzonder in het geheel. We laten hem elke avond mede licht geven. En het lied Ma’oz Tsoer (”Mijn machtige rotsvaste hulp”) wordt altijd gezongen. Het lied stamt uit de periode tussen de 11de en de 13de eeuw en is geschreven door een zekere Mordechai ben-Yitzchak. De beginletters van de eerste vijf verzen vormen de naam Mordechai. De laatste strofe stamt uit een latere periode. Het lied verhoogt G’d als de Bevrijder van Israël. Vrolijk Chanoeka!