Warning: Declaration of AVH_Walker_Category_Checklist::walk($elements, $max_depth) should be compatible with Walker::walk($elements, $max_depth, ...$args) in /home/bethyesh/public_html/wp-content/plugins/extended-categories-widget/4.2/class/avh-ec.widgets.php on line 0

Warning: Declaration of AVH_Walker_CategoryDropdown::walk($elements, $max_depth) should be compatible with Walker::walk($elements, $max_depth, ...$args) in /home/bethyesh/public_html/wp-content/plugins/extended-categories-widget/4.2/class/avh-ec.core.php on line 0
Kan de Eeuwige een mens zijn? | Beth Yeshua, in Amsterdam (Netherlands)

Kan de Eeuwige een mens zijn?

Wie is ‘wij’
Wanneer de Eeuwige bij de schepping, zoals beschreven in Beresjiet (Genesis) zegt, “Laten wij mensen maken” gebruikt Hij woorden die eerder in dat verslag niet voorkomen. Alleen bij het scheppen van de mens zegt de Eeuwige in meervoud dat Hij de mens zal scheppen. Taalkundig bestaat in de Hebreeuwse taal van de Tora het majesteitelijk meervoud niet. Het pluralis majestatis, dat we gewend zijn van ons koningshuis (sinds 30 april luidt de Nederlandse preambule als volgt: “Wij, Willem-Alexander, bij de gratie G’ds, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau etc.”) vinden we niet in de Tora. De vraag is dan: Wat bedoelt de Eeuwige met de woorden, Laten wij mensen maken?

Twee wezens
Het majesteitelijk meervoud gebruikt het woord ‘wij’ voor één persoon, zonder dat er iets dubbels aan die persoon is. Dat bestaat niet in de Tora. De Eeuwige moet iets anders bedoelen met ‘wij’. Het kan niet verwijzen naar één persoon die zich majesteitelijk dubbel benoemt, want die taalvorm bestaat, nogmaals, niet in de Tora. ‘Wij’ moet op een echt meervoud betrekking hebben. Tenminste twee wezens moeten daarmee bedoeld zijn. Wie zijn die wezens, is dan de vraag.

Schaduw
Engelen kunnen niet scheppen, dat kan het niet zijn. In feite is er één schepper. Maar tegen wie spreekt de Eeuwige deze woorden? En wie is in staat om met Hem te scheppen? Dat kan alleen een wezen zijn dat ook in staat is te scheppen en dat kan alleen de Eeuwige zelf. Het lijkt daarom de enige conclusie dat degene tegen wie de Eeuwige spreekt, de Eeuwige zelf is, in een lagere dimensie. Een voorbeeld hiervan uit het dagelijks leven is de projectie van een hand op een muur, de schaduw van de hand. De projectie is tweedimensionaal en volgt exact de bewegingen van de driedimensionale hand.

Driedimensionale projectie
Een projectie van de Eeuwige, een soort levend hologram, is het wezen waartegen Hij spreekt bij het scheppen van de mens. De mens is ook naar het beeld van dat wezen geschapen, volgens Genesis 1:26, waar letterlijk in het Hebreeuws staat, ‘naar onze beelden (b’tsalmenoe), naar onze gelijkenissen’ (kidmoetenoe; de uitgang ‘-oe’ geeft aan dat het meervoud is; onderstreepte lettergrepen krijgen de klemtoon). Van ouds is de betekenis van de geest die boven het wateroppervlak zweeft (Genesis 1:2) de geest van de Messias. En is het licht dat gezegd werd er te zijn (Genesis 1:3), het licht van de Messias en van de Eeuwige. Wanneer de Eeuwige in de Hof van Eden wandelt kan dat niet de schepper zijn, waarvan gezegd wordt dat de hemel van de hemelen Hem niet kan bevatten (1 Koningen 8:27). Ook daar zal G’ds driedimensionale projectie, Zijn ‘levende hologram’ hebben gelopen, terwijl er geen andere naam genoemd staat dan JHWH Elohiem in Genesis 3:8.

Abraham en zijn hemels bezoek
Een zeer bijzondere geschiedenis in dit verband is te vinden in Genesis 18, waar drie mannen – Marc Chagall maakt er drie engelen van (zie de afbeelding) – onze vader Abraham bezoeken. Het is bikoer choliem, ziekenbezoek. Abraham is herstellende van zijn eigen besnijdenis die toen nog door geen deskundig uroloog verboden werd. Twee van de drie mannen blijken engelen, zie Genesis 19:1. De derde man draagt de naam JHWH, de onuitspreekbare naam van de Eeuwige, onuitspreekbaar ondanks de pogingen van andere godsdiensten om de heilige naam toch uit te spreken. Abraham geeft hen Midden-Oosters gastvrij te eten. Nadat de engelen zijn vertrokken smeekt Abraham dat de Eeuwige het stedengebied van Sodom en Amora (Gomorra) toch zal sparen, al waren er maar tien goede mannen daar; wat het minimum aantal Joodse mannen – minjan – is geworden waarmee een groepsgebed en een dienst kan worden gehouden.

JHWH in de hemel en JHWH op aarde
Nadat ook dat aantal niet wordt gehaald vertrekt de man met de naam JHWH, wat een gotspe zou zijn om die naam aan een strikt aardse man te geven. Hij voegt zich bij de engelen en even later is Hij bezig zwavel en vuur te werpen als hemelse executie van een even hemels oordeel. En Hij doet dat niet op zijn eentje. Er staat dan in de Tora sjebichtav, de geschreven Tora, ‘Toen liet JHWH zwavel en vuur op Sodom en Amora regenen, komend van JHWH in de hemel’ (Genesis 19:24). Daar komt het eerder genoemde meervoud vandaan. Hier is JHVH op aarde die samenwerkt met JHVH in de hemel, één G’d. En dan JHWH in de hemel met alle dimensies, of waarschijnlijker: zonder enige dimensie. En JHWH op aarde, de projectie, het ‘hologram’ van JHWH in de hemel.

Veel verschijningsvormen
Zo kunnen we ons afvragen wie het wezen is geweest waarmee Mozes 40 dagen en nachten in bespreking is geweest. Het was niet de Eeuwige die de hemelen niet kunnen bevatten. Maar ook niet de man die aan Abrahams tafel genoot van de gastvrijheid van hem en zijn vrouw Sara. Het is een van de vele andere verschijningsvormen van de Eeuwige die de onbegrijpelijke, maar zo boeiende G’d maken die Hij is. Tenslotte is Hij ook aanwezig in de doornstruik, wanneer Hij Mosjee roept tot zijn taak als bevrijder en leider van Israël. En is Hij de hand, of het is op zijn minst Zijn hand die op de muur in het paleis van het oude Babylon schrijft.

G’d of David, wie is de herder
Een interessante dubbele beschrijving van de Eeuwige komen we ook tegen in Ezechiël 34, waar de Eeuwige (verzen 11 en 12) als David (vers 23) competitie lijkt te plegen in het herder zijn over Israël. De profeet Zacharia kan er ook wat van. Hij laat in hoofdstuk 12 vers 9 de Eeuwige aan het woord met een onprettige boodschap voor de vijanden van Israël, ‘Op die dag zal Ik alle volken die tegen Jeruzalem oprukken, zoeken om hen te verdelgen.’ In het volgende vers gaat de Eeuwige verder, geciteerd door Zacharia: ‘Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem de Geest van genade en van gebeden uitgieten. Zij zullen Mij zien, die zij doorstoken hebben …’ (Zacharia 12:10).

Wie heeft G’d doorstoken
Blijkbaar lastig voor vertalers om te moeten vertalen wat er letterlijk staat. Maar letterlijk staat er dat G’d zelf doorstoken zal worden. Er staat ‘Mij” en niet ‘Hem’. Omdat niemand in staat is G’d in de hemel te doorsteken moet het G’ds dubbelganger zijn waar Zacharia het over heeft. Boeiende vraag is wie er bedoeld wordt met ‘zij’. De woorden tot aan het eerste woord ‘zij’ gaan over Israël, het Joodse volk dus (ik zeg dat bijzinnetje ‘het Joodse volk’ erbij, vanwege de bijbelvertolkers die overal waar Israël staat, steevast de kerk zien). Het tweede ‘zij’ in dit vers kan niet Israël zijn, want geen Jood heeft, als de tekst betrekking heeft op de marteldood aan de Romeinse paal met dwarshout, de doodstraf mogen voltrekken. De Romeinse vijand had dat per decreet verboden.

Mensenoffers niet toegestaan
Het lijkt erop dat er één keer in de geschiedenis een moment zou zijn, waarop iemand aan een Romeins houten martelwerktuig zou sterven, waarmee de Eeuwige zich geïdentificeerd heeft. Zo zeer geïdentificeerd heeft, dat de Eeuwige zegt dat Hij zelf doorstoken is. Die lijdende rol van de Messias is door de profeet Jesaja – in hoofdstuk 53, de verzen 1 tot en met 11 – ook genoemd, onder meer de reden voor rabbijnen vanouds om twee messiassen te erkennen: de messias zoon van Jozef (Masjiach ben Joseef) en de Messias zoon van David (Masjiach ben David), dezelfde David die ook als Messias wordt genoemd in Ezechiël 34. Mensenoffers zijn niet toegestaan in de hele Tenach. Behalve het mensenoffer van de mens die het ‘levende hologram’ van de Eeuwige blijkt te zijn.

JHWH zendt JHWH naar de aarde
Tot slot een in dit verband zo curieuze tekst in het boek van, nogmaals, onze Joodse profeet Zacharia. Hij citeert de Eeuwige die Israël oproept het noorderland Babylon te verlaten, in hoofdstuk 2. En Hij vertelt erbij dat Hij te midden van Israël zal komen wonen (vers 10 in het Nederlands, vers 14 in het Hebreeuws) en dat Hij, JHWH, is gezonden naar Israël door JHWH (verzen 9 en 11) en dat Israël zich dat op dat moment zal realiseren. Hetzelfde beeld als in Genesis met JHWH in de hemel, die vuur regent en de Messias zendt en JHWH die laat weten dat Hij door JHWH gezonden is en dat Hij doorstoken wordt en dat Hij vuur werpt in coördinatie met JHWH in de hemel.

Conclusie
De conclusie is dat de Eeuwige op te veel plaatsen in Tenach laat zien dat Hij G’d in de hemel is en mens op aarde, om daaraan voorbij te kunnen gaan. De reden dat dit artikel hier aandacht aan schenkt is om de Eeuwige te leren kennen in meer hoedanigheden dan het beperkte aantal dat ons soms wordt aangereikt. De Eeuwige is daar te kostbaar voor. Het inzicht dat JHWH een levend hologram van zichzelf naar ons heeft gezonden is belangrijk. Daardoor weten we dat de Eeuwige niet ergens ver weg in de hemel huist. Maar dat er echte redding komt. Dat vrede niet iets filosofisch is, maar ons zal worden aangereikt door de Messias van Israël.

Lion S. Erwteman