Acharee Mot-Kedosjiem

Speciale selectie – Amos 9:7-15

Deze week bereiken we min of meer het midden van de Torarol. We leren hoe we rein kunnen leven. We komen vandaag terecht in de kleinste van de geboden. Ik denk dat dit het gebod is, waar onze Messias Yeshua het over heeft (Matteüs 5:17-19), wanneer Hij zegt dat je de kleinste van de geboden moet doen om zeer klein te heten in het Koninkrijk. Welk gebod is dat? Leviticus 19:18, Je mag niet wraakzuchtig en haatdragend zijn tegenover de kinderen van je volk, maar je moet je naaste liefhebben als jezelf. Yeshua heeft dat geplakt naast een gebod uit de Tora, namelijk uit Deut.6:5, Je moet de Eeuwige, je G’d, liefhebben met je hele hart en met je hele ziel en met al je kracht. Kleinste gebod. Maar fijnste gebod.

Het is ook niet zo maar een gebod dat zegt: ‘liefhebben’. Het gebod is ingepakt in een opdracht om niet op wraak uit te zijn en om geen haat te kennen. En bij dat soort zaken moet je niet naar de woorden van iemand luisteren, die beweert dat hij niet haatdragend is. Maar we moeten altijd naar de daden kijken. Er staat hier een behoorlijk aantal praktische geboden bij elkaar. En allemaal zijn ze nog steeds geldig. Maar alleen als je de genade en de vergeving van de messias hebt ervaren en ook zelf toepast op anderen. En als je je eigen fouten grif toegeeft aan degene die je hebt benadeeld.

Hier staat: 16 Je mag onder je volksgenoten niet als een lasteraar rondgaan: je mag je naaste niet naar het leven staan. Ik ben de Eeuwige. 17 Je mag je broeder niet in je hart haten. Je moet openlijk je volksgenoot terechtwijzen en niet ter wille van hem zonde op jou laden.

Dat zijn eigenlijk twee geboden, die toch hetzelfde bedoelen: niet lasteren, want dat staat gelijk met moord (16). Dus als je iets tegen iemand hebt, niet lasteren. Als je iemand in je hart niet mag, niet lasteren. Als je iets tegen iemand hebt, niet lasteren, maar in zijn gezicht de zaken bespreken. 18: Je mag niet wraakzuchtig en haatdragend zijn tegenover de kinderen van je volk, maar je moet je naaste liefhebben als jezelf. Je mag geen wraak uitoefenen, als je iets tegen iemand hebt. En je mag geen haat hebben tegen iemand. Heb je dat toch, op dit moment, dan is het goed om dat nu even op te biechten! En om de persoon te vragen om vergeving voor je gedrag dat niet past bij geloof en mooie woorden.

In vers 19 komen verdere geboden aan bod. Ze hebben te maken met het fokken van dieren, met het zaaien van gewassen in de grond en met het maken van textiel. En je zou toch zeggen dat dat helemaal niets te maken heeft met de eerdere geboden die we net zagen. Maar ze hebben er alles mee te maken. Laten we eerst kijken wat ze inhouden.

19 Je moet Mijn inzettingen bewaren. Je mag niet van twee verschillende soorten vee nakomelingen laten komen, je mag je akker niet met twee soorten zaad bezaaien. En je mag niet kleding dragen die uit twee soorten stof is gemaakt. De eerste geboden die we zagen hadden te maken met hoe je je gedraagt tegenover elkaar. Deze geboden zeggen iets over veeteelt, landbouw en textiel. Drie keer staat er: ‘niet twee verschillende soorten mengen’. Het Hebreeuwse woord is ‘kilajiem’: een menging van twee zaken die niet samen mogen voorkomen. Het woord ‘kele’ zit daarin: gevangenis.

Wat wil dit zeggen?
Als je toch twee zaken die de Eeuwige verbiedt om te mengen, bij elkaar brengt, kom je in de gevangenis. Net als met de boom van de kennis van goed en kwaad. Dat is ook zo een mengsel, dat verboden is. En de uitspraak: je kunt niet twee heren dienen. Meng je toch goed en kwaad, dan zit je gevangen in je eigen verlangens. Want je kunt wel een aantal zaken goed doen en in een aantal zaken goed zijn. Maar als je dat mengt met verkeerde zaken doen of zeggen, dan zit je in de gevangenis van de mensen die geen afstand kunnen doen van hun oude natuur.

Waarom geen verschillende dieren met elkaar jonkies laten krijgen? Omdat de Eeuwige de soorten al had bepaald en Hij vond dat het zo goed was. Waarom geen verschillende soorten zaad bij elkaar? Zelfde idee, zelfde beeld. Waarom geen verschillenden soorten textiel? En welke soorten? In Deuteronomium 22:11 staat het antwoord: wol en linnen. Dat heet sja’atnez.

Omdat wol bij de landbouw hoort, bij het transpireren en het werken met het zweet op het voorhoofd. De vloek na de zonde in Gan Eden. En omdat linnen bij de Tempel hoort, een beeld van het Koninkrijk, van het grondgebied van de hemel. Zoals ook Ezechiël zegt over de priesters: Wanneer zij dan de poorten van de binnenste voorhof ingaan, moeten zij linnen kleren aantrekken. Zij mogen geen wol dragen, als zij dienst doen in de poorten van de binnenste voorhof of in het huis (Ezechiël 44:17).

Wat hebben deze zaken te maken met de eerdere geboden die we lazen? Alles!
Dit zijn allemaal geboden die van ons, als we ze doen, andere mensen maken. We raken onze oude natuur kwijt. We roddelen niet meer. We haten niet meer. We nemen geen wraak meer. We denken niet meer dat we G’d zelf zijn, door nieuwe soorten dieren geboren te laten worden. We gaan het verschil zien tussen de gevolgen van onze zonden blijven doen, de wol, en de gevolgen van priester zijn, het linnen. Dat betekent overigens niet dat we geen wol meer moeten dragen, alleen het beeld van wol en linnen samen is waar het om gaat! En we zitten niet meer in de gevangenis van de verkeerde mengsels, van goed samen met kwaad.

Waarom vraagt de Eeuwige dit van ons? Omdat we af moeten van onze oude natuur. Want die oude natuur bracht ons buiten de poort. En we willen weer naar binnen. Kijk maar eens naar teksten in de buurt van vandaag: Lev.18:24, Verontreinig je niet door dit alles, want door dit alles hebben de volken zich verontreinigd die Ik voor u uit wegdrijf. We moeten niet meer willen lijken op de volken om ons heen. En dat doen wee als we deze geboden overtreden. Lev.20:23, Leef niet volgens de gewoonten van het volk, dat Ik voor jullie uit verdrijf. Want al deze dingen hebben zij gedaan, zodat Ik een afschuw van hen gekregen heb. Zelfde beeld. Zie 19:32, Voor mensen met grijze haren moet je opstaan. Aan de oude moet je eer bewijzen en voor jullie Eeuwige moeten jullie ontzag hebben: Ik ben de Eeuwige. Nog zo’n gebod.

Staan mensen op voor oudere mensen in bus of trein? In Israël staan jonge mensen opvallend veel op in de bus, wanneer er iemand binnenstapt die ouder is. Zo is de Eeuwige geïnteresseerd  in onze groei. In onze openheid. In onze eerlijkheid. Anders zijn dan de omringende volken. Anders zijn dan de andere subculturen. Soms tegen de stroom in zwemmen. En dat zinnetje mag weer niet een excuus zijn om onbijbels tegen leiderschap en anarchistisch te worden en je eigen zin te doen.

Wie niet vecht voor reinheid, wordt automatisch onrein. Reinheid komt je niet aanwaaien, zie Openbaring 22:11, “Wie onrecht doet, laat die nog maar meer onrecht doen. Wie vuil is, laat die maar nog vuiler worden. Wie rechtvaardig is, laat die nog meer rechtvaardigheid tonen. En wie heilig is, laat hem nog meer geheiligd worden.” Zie ook Daniël 12:10, “Velen zullen zich laten reinigen en zuiveren en louteren. Maar zij die schuldig zijn zullen schuldig handelen. En niemand van hen die schuldig leeft, zal het begrijpen. Maar zij die verstandig zijn, zullen het begrijpen.”

Sjabbat sjalom,
Lion S. Erwteman,
Rosj Kehila van Beth Yeshua, Amsterdam