Bamidbar

Wat een groot leger bezat het volk Israël toen het zich rond de berg Sinai (tijdelijk) vestigde op bevel van de Eeuwige! Meer dan een half miljoen dienstplichtige militairen moesten zich legeren rondom het Misjkan (de Tabernakel), het huis waar de ark zich in bevond. Als je ziet hoe groot het volk uiteindelijk is (ontelbaar, het totale aantal kinderen van Israël mocht niet geteld worden), besef je wat een klus het voor Mosjee moet zijn geweest dit volk te managen.

Wat opvalt, is dat de stam van Jehoeda (Juda) de grootste en de stam van Josef (Jozef), bestaande uit de stammen Efrajiem en Menasje (Efraïm en Manasse), de op een na grootste is. Dit heeft te maken met het feit dat de stam Levi priesterdienst moest doen en geen militaire dienst mocht vervullen, zie Bamidbar, Numeri 1:47-49. Jehoeda is de stam waar David en Yeshua uit voortgekomen zijn, zie Lucas 3:23‑38. Maar je ziet ook de liefde van de Eeuwige voor Josef, uit wiens nageslacht twee stammen voortkomen.

Waarom moest het volk geteld worden? Rasji, rabbijn Sjlomo ben Jitschak, de bekende Franse rabbijn, die leefde van 1040-1105 g.j., meent dat G’d Zijn volk zo liefheeft en daarom een liefdevolle inventarisatie houdt, maar ook omdat de Eeuwige rekent op Zijn volk als Zijn vertegenwoordigers. Zij zijn G’ds partners bij de tikoen olam, het verbeteren en heel maken van de wereld. Ramban, Nachmanides of Mosjee ben Nahman Gerondi, de bekende Catalaanse rabbijn, die leefde van 1194-1270 g.j., denkt dat het tellen niet met G’ds liefde heeft te maken, maar een strategische kwestie is, en dat tellen een middel is om hen te organiseren en te rekruteren.

Waarom moest het volk zo lang door de woestijn zwerven voordat ze het Beloofde Land in bezit konden nemen? Ze hadden toch allang genoeg in slavernij geleefd? Zie Sjemot, Exodus 1:11. Waarvoor dan al die ontberingen? Natuurlijk moesten ze leren om op de Eeuwige te vertrouwen. Ook moesten ze leren te luisteren naar Mosjee, hun leider. Israël moest blijkbaar ook gelouterd worden voor het klaar was om Kanaän binnen te trekken. G’d past strategieën toe die voor ons niet direct zichtbaar zijn, nu nog. De kinderen van Israël zijn de pioniers van de Tora en hebben in de tijd dat de Tora werd gegeven, mogelijk nog niet in de gaten hoe G’ds plan werkt. Wij, die nu de Tora hebben, die ons al millennia lang wordt voorgeleefd, vinden het moeilijk om G’ds stem te verstaan. Hoeveel te meer zij die de Tora ontvingen en er vorm aan moesten geven.

Sommige zaken zijn helder en duidelijk. Bijvoorbeeld hoe het Misjkan moest worden ingericht, hoe de priesterkleren eruitzagen, wanneer er offers gebracht moesten worden en hoe de rituelen daarvoor waren. Deze worden duidelijk omschreven in Sjemot, Exodus. Niet duidelijk is de route die genomen zal worden naar het Beloofde Land. Of de tijdsduur van de reis. Er zou bewondering mogen zijn voor wat er tot stand is gekomen door al die hindernissen heen.

Sjabbat sjalom,
Lion S. Erwteman
Rosj Kehilla van Beth Yeshua, Amsterdam