Kie tissa

Sjabbat Para: Numeri 19:1-22; Ezechiël 36:16-38

Mosjee wordt geconfronteerd met de dertien middot (G’ds eigenschappen) wanneer de Eeuwige zich van een zijde toont, nl. Zijn achterkant. Als Ik dan Mijn handen wegneem, zul je zien wat achter Mij is, maar Mijn voorkomen kan niet gezien worden (Exodus 33:23). De Eeuwige ging voor Mosjee (Mozes) langs en riep uit: De Eeuwige is en blijft de Eeuwige, een almachtig G’d, barmhartig, genadig, lankmoedig, vol van liefde en waarheid, die liefde blijft betonen aan duizenden geslachten, die misdaad, schuld en zonden vergeeft, maar niet geheel en al ongestraft laat en die de misdaad van de ouders bij die van kinderen en kleinkinderen gedenkt, tot in het derde en vierde geslacht (Exodus 34:6,7).

De getalswaarde van de onuitsprekelijke naam van de Eeuwige, JHWH, is 10+5+6+5=26. De dubbele aanhaling van het woord Eeuwige, dat als het ware onopzettelijk in Exodus 34:6,7 als een van de dertien G’ds eigenschappen wordt vermeld, heeft een betekenis. Alsof die dertien zowel als G’d in de hemel, als ook op aarde, worden uitgeoefend. En 2 x 13 = 26.

Volgens Rasji houdt dit verband met de vierde eigenschap: barmhartigheid. Dit in verband met het meegaan van de Eeuwige G’d als Eeuwige met de mens, voor en ook na de verwijdering uit het Paradijs, op zijn weg door de wereld. De Eeuwige wil ons mensen begeleiden vanaf zijn Oorsprong weer terug naar zijn Oorsprong.

Sifre Dewariem (Ekev 49; op Deuteronomium 11:22: te gaan in al Zijn wegen) ziet er opdrachten in voor de mens: Dit zijn de wegen van G’d: Eeuwige, barmhartig en genadig. In Joël 3:5 staat: En het zal zijn dat ieder die Zijn Naam uitroept, ontkomen zal. Maar hoe is het mogelijk voor een mens de Naam van G’d uit te roepen? Wellicht op deze manier: zoals Hij barmhartig wordt genoemd, zo moet ook jij barmhartig zijn. Zoals Hij genadig is, moet ook jij genadig zijn.

Johannes schreef: Het Woord is ‘vlees’, een lichaam, geworden en het heeft onder ons gewoond. Wij hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als van de eniggeborene van de Vader, vol van genade en waarheid. Immers uit Zijn volheid hebben wij allen ontvangen. Zelfs genade op genade. Want de Tora is door Mosjee gegeven, de genade en de waarheid zijn door Yeshua HaMasjiach gekomen (Johannes1:14-18). Daarmee staat het Hebreeuwse deel van de Bijbel niet haaks op het Nieuwe Testament. Het geeft de 2 x 13 aan: genade in de Tora, genade door de ‘vlees’ geworden Tora.

Yeshua kwam om G’ds Tora te vervullen. Daarmee Hij leefde en onderwees de Tora, zie Matteüs 5:17, Denk niet dat Ik gekomen ben om de Tora of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om er naar te leven.. Hij wil dat we de inzettingen van de Tora uitvoeren, omdat Hij die uitvoert en ook je daarmee je liefde voor Yeshua vorm geeft, zie Johannes 14:15 en 21).

Dat behoort bij de 13 geproclameerde eigenschappen van de Eeuwige. Daarmee gedraag je je als iemand die thuis hoort in G’ds Koninkrijk: Wie zelfs  een van de geringste geboden afschaft en de mensen dat ook zo onderwijst, zal de geringste genoemd worden in het Koninkrijk der hemelen. Maar wie ze doet en ook onderwijst, die zal groot genoemd worden in het Koninkrijk der hemelen (Matteüs 5:19).

Sjabbat sjalom,
Lion S. Erwteman, rosj kehilla van Beth Yeshua
Amsterdam