Onderwerpen:
Onderwerpen:
Selectie en uitleg uit de lezingen voor Nitsawiem-Wajelech
Tora Deuteronomium 30:1-4 uit 29:9-31:1-30
1 Wanneer je later al deze zaken dingen gaan overkomen, in verband met de zegen en in verband met de consequenties (“vloek”), waarover ik nu met jou heb gesproken, en wanneer je dit opslaat in je hart, terwijl je leeft bij al die volken, waar de Eeuwige jouw G’d jou naar toe heeft gedreven, 2 en wanneer je je dan toekeert naar de Eeuwige jouw G’d en naar Zijn stem luistert over alles wat ik je vandaag opdraag, jij en je kinderen, met je hele hart en met je ziel, 3 dan zal de Eeuwige jouw G’d een ommekeer brengen in jouw lot en Zich over jou ontfermen. Hij zal je weer bij elkaar brengen vanuit alle volken, waar de Eeuwige jouw G’d je verstrooid heeft. 4 Al waren jouw verdreven volksgenoten aan het einde van de hemel, de Eeuwige jouw G’d zal je daar vandaan bij elkaar brengen en ophalen.
Haftara: Jesaja 62:6-9 uit 61:10-63:9, 7e troosthaftara
6 Op jouw muren, Jeruzalem, heb Ik wachters aangesteld, die de hele dag en de hele nacht geen moment zullen zwijgen. Jullie, die aan de Eeuwige denken, gun je geen rust. 7 En geef ook Hem geen rust, totdat Hij Jeruzalem vestigt en het maakt tot een roemrijke stad in het land Israël. 8 De Eeuwige heeft gezworen met zijn rechterhand en door zijn sterke arm: Nooit zal Ik jouw koren meer aan je vijanden als voedsel geven en nooit zullen vreemdelingen meer de wijn drinken, waarvoor jij hard gewerkt hebt. 9 Want zij die het oogsten, zullen het zelf eten en de Eeuwige loven. En zij die de druiven inzamelen, zullen de wijn zelf drinken in de voorhoven van mijn heiligdom.
Beriet Chadasja: Galaten 5:1-6
1 Yeshua heeft ons bevrijd, zodat wij echt vrij zouden zijn. Hou dus vol. Zorg dat ze je niet opnieuw een slavenketting aandoen. 2 Let op mijn woorden. Ik, Paulus, zeg jullie dit: als jullie je met dat motief* laten besnijden, kan de Messias niets voor je doen. 3 Opnieuw zeg ik tegen iedereen die zich met dat motief laat besnijden, dat je dan verplicht bent om de hele Tora uit te voeren. 4 Als iemand probeert rechtvaardig te worden door de Tora te doen, dan heeft het offer van Yeshua geen effect op die persoon, want je hebt je dan losgemaakt van G’ds genade. 5 Want door de Geest verwachten wij met vertrouwen de rechtvaardiging, waarop wij hopen. 6 Want door het offer van Yeshua maakt het niet uit of je tot de besnijdenis (Joden) hoort of tot de onbesnijdenis (niet-Joden); wat helpt is je gelovig vertrouwen dat zichtbaar wordt door jouw liefde.
* Het motief van geboden moeten doen om behouden te worden. Zie Handelingen 15, vers 1: Er waren valse leraren, afkomstig uit Judea, die de gelovigen in Galatië wijsmaakten: Als je je niet laat besnijden volgens de Tora van Mozes, dan kun je niet behouden worden. M.a.w. dan kan de Messias Zijn verlossing niet aan jou geven.
Lion Erwteman over Nitsawiem-Wajelech – Leil Sliechot
De G’d van Israël weet als geen ander genade en recht samen te laten komen. Zou er alleen maar genade zijn, zoals we van veel kerkpredikers horen, dan zou de Eeuwige het niet waard zijn om G’d genoemd te worden. Zijn Woord zou ontkracht zijn. Zou Hij alleen recht spreken, dan zou niemand kunnen bestaan. Dit zou voldoende moeten zijn om mensen ervan te overtuigen dat er genade bestaat in het Hebreeuwse deel van de Bijbel, de Tenach. Op zijn laatste levensdag beseft Mosjee hoe belangrijk het is dat het verbond tussen de Eeuwige en Israël bevestigd wordt. En het is G’ds genade die dat ook mogelijk maakt. Want er is al veel misgegaan in die korte tijd.
Ooit zouden de profeten Jeremia en Ezechiël aankondigen dat dit verbond vernieuwd zou worden. Ook die aankondigingen getuigen van G’ds genade. Dat lichamelijke en hartsbesnijdenis samengaan en dat de ene niet de andere vervangt, kunnen we duidelijk lezen in 30:6, waar Adonai de belofte doet om de harten van lichamelijk al besneden Israël te besnijden. De enige vervanging die in de Bijbel gepropageerd wordt, is die van slecht door goed en van het oude karakter door het nieuwe. G’ds beloften zijn voor hen die niets vervangen van de Tora. Voor hen die naar Zijn stem luisteren “door zich aan Zijn geboden en inzettingen te houden, die in deze Sefer Tora geschreven staan; wanneer jullie je tot de Eeuwige, jullie G’d, bekeren met je hele hart en je hele ziel” (30:10).
In deze parasja lezen we de woorden die vrijwel letterlijk herhaald worden door Jochanan/Johannes: “Want dit gebod, dat ik jullie vandaag opdraag, is niet te moeilijk voor u…” (30:11). En: “Want dit is de liefde voor G’d, namelijk dat wij ons aan Zijn geboden houden. En Zijn geboden zijn niet moeilijk” (1 Johannes 5:3). De Tora is niet in de hemel of aan de overkant van de zee (30:12). Dit is een manier om te zeggen dat de Tora niet onaards en onpraktisch zou zijn en alleen over de toekomst zou spreken. Hij is van deze tijd. Aan de overkant van de zee wil zeggen dat de Tora niet ver van ons afstaat en niet onbereikbaar is, maar begrijpelijk, haalbaar en toepasbaar. En zó belangrijk dat het een zaak is van leven of dood, zegen of vloek, zie 30:19.
Deze week lezen we de zevende en laatste troosthaftara. G’ds troost heeft zich in deze zeven teksten van Jesaja tot een hoogtepunt gewerkt. De Eeuwige is onze verdediger: “Om Tsion (Sion) zal Ik niet zwijgen en om Jeroesjalajiem/Jeruzalem zal Ik niet stil zijn” (62:1). Hij neemt het voor ons op. Een schitterende kroon in de hand van de Eeuwige, een koninklijke haartooi in de hand van Adonai, zo noemt Hij ons. Dat kan toch alleen maar worden gezegd door iemand die gek is op Zijn bruidje. Dit is de G’d van Israël. Hij weet als geen ander genade en recht samen te laten komen. Spoedig wordt Israël “de Verlosten van de Eeuwige” (62:12) genoemd. Hoog tijd om erbij te horen.
Lion S. Erwteman
Rosj Kehilla van Beth Yeshua
Amsterdam













