Pinchas

Selectie en uitleg uit de lezingen voor Pinchas

 

Tora Tora: Numeri 25:10-13 uit 25:10-30:1, HB; 25:10-29:40, NL

10 De Eeuwige zei tegen Mozes: 11 Pinchas, de zoon van Elazar, de zoon van de priester Aharon, heeft mijn toorn van de Israëlieten afgewend, doordat hij met ijver voor Mij in hun midden heeft opgetreden, zodat Ik de Israëlieten in mijn ijver niet heb verdelgd. 12 Zeg daarom: Ik geef hem mijn vredesverbond, 13 opdat het voor hem en zijn nakomelingen tot een verbond zal zijn van een eeuwig priesterschap. Hij heeft namelijk voor zijn G’d gehandeld en daarmee voor de Israëlieten verzoening gedaan.

Haftara: Jeremia 1:9-12 uit 1:1-2:3

9 De Eeuwige strekte zijn hand uit en raakte mijn mond aan. Toen zei Hij tegen mij: Zo leg Ik leg mijn woorden in jouw mond. 10 Besef, dat Ik jou vandaag aanstel over de volken en de koninkrijken om uit te trekken en af te breken, om te verdelgen en te verwoesten, om te bouwen en te planten. 11 Daarna kwam een woord van de Eeuwige bij mij binnen: Wat zie jij, Jeremia? Ik antwoordde: Ik zie een tak van een amandelboom. 12 Daarop zei de Eeuwige tegen mij: Jij hebt dat goed gezien. Ik waak namelijk over mijn woord opdat het wordt uitgevoerd.

Beriet Chadasja: 1 Petrus 2:4-9

4 Zorg dat je geestelijk naar Yeshua toegroeit. Hij is de levende steen. Er zijn mensen die Hem verwerpen, maar Hij is kostbaar en door Adonai uitgekozen. 5 Je moet jezelf ook als levende steen beschikbaar stellen voor de bouw van een geestelijke tempel. Ga samen een heilig priesterschap vormen, dat in de lijn van de Tora geestelijke offers brengt. Die offers worden aangenaam voor Adonai  door het voorbeeld van Yeshua de Messias (om alle geboden van de Tora te doen). 6 Daarom staat er in de Tenach: Kijk! Ik plaats in Sion een uitverkoren en kostbare hoeksteen. Wie leert om Hem helemaal te vertrouwen, zal de vruchten daarvan plukken. 7 Dit kostbare bezitten jullie. Maar voor mensen die dat vertrouwen niet hebben, geldt: De steen, die de bouwlieden hadden afgekeurd, is hoeksteen geworden; en tegelijkertijd een steen waaraan zij zich stoten; ook een rots waarover ze struikelen. 8 Zij kunnen niet omgaan met de geestelijke waarde van de Tora. Zij struikelen daarover. En daaruit volgt hun bestemming. 9 Jullie zijn daarentegen een uitverkoren generatie, een koninklijk priesterschap, een heilig volk; een volk dat eigendom van Adonai is. Met als doel het verkondigen van de grote werken van Hem die jullie geroepen heeft vanuit de duisternis, om naar Zijn hemelse licht te komen.


Lion Erwteman over Pinchas

De Bijbel hanteert een model voor het oplossen van ernstige conflicten dat volkomen haaks staat op wat velen gewend zijn. In de ‘wereld’ willen mensen nog wel eens zeggen waar het op staat. Maar in religieuze kringen wordt vaak het religieuze harmoniemodel gehanteerd: het sparen van de kool en de geit. Daarbij wordt het echte slachtoffer meer dan eens tot dader gepromoveerd, doordat het niet mee wil werken in het creëren van deze, op zichzelf valse, harmonie.

Op die manier ontaarden ernstige conflicten vaak in nieuwe conflicten over verdraagzaamheid en vergeving, terwijl het oorspronkelijke onderwerp onder het tapijt wordt geschoven. Twee oorzaken zijn hiervoor aan te wijzen: 1. het niet willen en kunnen omgaan met de waarheid, die pijnlijk kan zijn, en 2. het opleggen van de wil door iemand die onrechtvaardig is in zijn of haar behandeling van slachtoffers en daders.

In de parasjat Pinchas wordt Pinchas bevorderd tot kohen, priester, in een altijddurend priesterschap  (kehoena) binnen vredesverbond. En wat heeft Pinchas daarvoor moeten doen? Hij heeft twee mensen vermoord, pardon geëxecuteerd: een Jood die een liefdesrelatie aanging met een aantrekkelijke vrouw die afgoden aanbad en ook die vrouw. Geen ‘fijn gesprek’, geen geestelijke hulpverlening, niet een moeizaam proberen om haar te bekeren tot de G’d van Israël.

Het is een techniek die we in onze gemeente niet mogen en niet willen toepassen, alleen al vanwege de door ons zeer gerespecteerde wetten van ons land. Maar het geeft te denken hoe radicaal de Bijbel wil dat we moeten zijn in ons denken en beslissen. De Midianieten hadden Israël verleid tot daden die hebben geleid tot een plaag waarbij vierentwintigduizend Joodse slachtoffers vielen, zie de vorige parasja.

Eigen schuld, zal iemand zeggen. Maar in deze parasja lezen we in 25:17 dat de Eeuwige aan Israël de opdracht geeft om de Midianieten op te jagen en hen te doden, vanwege hun verleidingen. In de tekst wordt het krachtdadige optreden vermeld van de dochters van Tselofchad (Selofchad). Zij nemen de moed om hun leider te benaderen, als vrouwen in die mannenmaatschappij. Hun vader was in de woestijn gestorven en nu hadden zij geen mannelijke vertegenwoordiger om een stuk land te erven. Want Tselofchad had geen zonen. Ze leggen uit dat hij niet hoorde bij de Korachbende, die op unieke wijze uit de gemeenschap van Israël was verwijderd. Maar ze zeggen wel dat hij is gestorven vanwege zijn eigen ernstige fouten.

Het gebeurt ook nu dat in een geloofsgemeenschap een bende optreedt, schade berokkent en dan plotseling verdwijnt. De achterblijvers verdenken dikwijls het leiderschap ervan dat die achter de verdwijning zit. Maar net als bij Korach is het vaak de Eeuwige die mensen verwijdert. De vraag is vervolgens: wat moeten familieleden doen die achterblijven en niet meedoen aan de rebellie en de zonden van de vaders?

Een andere toepassing van deze situatie is iemand die in een gezin opgroeit waarvan de ouders gelovigen zijn die wangedrag vertonen tegenover hun kinderen. Die kinderen kunnen twee dingen doen: meegaan in het wangedrag dat dan gold als model. Of kiezen om het echt anders te doen. En dat doen deze dochters: zij aarzelen niet om hun vader te zien als de oorzaak van een dreigend probleem in hun leven. En dat geeft hun herstel en overwinning.

Sjabbat sjalom,
Lion S. Erwteman,
Beth Yeshua, Amsterdam