Onderwerpen:
Onderwerpen:
Selectie en uitleg uit de lezingen voor Tetsawee
Tora: Exodus 29:19-22 uit 27:20-30:10
Daarna moeten Aharon en zijn zonen hun handen op de kop van het andere schaap leggen. Slacht dat schaap daarna en smeer een beetje bloed aan de rechter oorlel van Aharon en van zijn zonen. Ook aan hun rechterduim en aan hun rechter grote teen. De rest van het bloed moet je rondom tegen de zijkanten van het altaar gieten. Neem dan een beetje van het bloed van het altaar en een beetje zalfolie. Sprenkel dat op Aharon en op zijn kleren. Ook op zijn zonen en op de kleren van zijn zonen. Vanaf dat moment zijn hij, zijn kleren, zijn zonen en de kleren van zijn zonen van Mij. Neem van dit tweede schaap het vet, de staart, het vet rond de darmen, het vet rond de lever, de twee nieren met het vet dat daaraan zit en de rechter schouder. Met dit offer worden Aharon en zijn zonen klaargemaakt om Mij te dienen.
Deuteronomium 25:17-19
Vergeet nooit wat Amalek jullie heeft aangedaan toen jullie uit Egypte waren vertrokken en op reis waren. Vergeet nooit hoe hij jullie onderweg heeft overvallen. Hij probeerde om alle zwakke mensen die achteraan liepen, te doden toen ze moe en uitgeput waren. Hij had geen enkel ontzag voor Adonai. Wanneer jullie straks in vrede wonen in het land dat de Eeuwige jullie gaat geven, moeten jullie de herinnering aan Amalek totaal uitwissen, zodat later niemand nog zal weten dat Amalek heeft bestaan. Vergeet niet dit te doen.
Haftara: 1 Samuel 15:20-23 uit 15:2-34
Toen zei Saul tegen Samuel: “Ik heb wél gedaan wat de Eeuwig gezegd heeft. Ik heb Hem gehoorzaamd. Koning Agag heb ik meegebracht, maar de Amalekieten heb ik allemaal gedood. Maar mijn mannen namen van de buit de beste schapen, geiten en koeien mee om aan jullie Eeuwige offers te brengen in Gilgal.” Samuel antwoordde: “Geniet de Eeuwige dan net zoveel van brandoffers en vleesoffers als van gehoorzaamheid? Gehoorzaamheid is beter dan vleesoffers. Doen wat Hij zegt is beter dan geofferd schapenvet. Luister goed! Ongehoorzaamheid is net zo erg als toverij. Eigenwijsheid is net zo erg als het aanbidden van afgoden. Omdat jij het bevel van de Eeuwige aan de kant hebt geschoven, heeft de Eeuwige jou aan de kant geschoven. Jij zult niet langer koning zijn.”
Beriet Chadasja: Efeziërs 4:26-32
26 Als je boos op iemand wordt, houd je boosheid dan niet vast, want dat is verkeerd. Zorg ervoor dat je vóór het einde van de dag je boosheid weer kwijt bent. 27 Zo geef je je kwetsbare of negatieve kant (“duivel”, zie onder) geen kans. 28 Als je gestolen hebt, steel dan nu niet meer. Doe liever je best om met eerlijk werk je brood te verdienen. Dan kun je ook nog iets weggeven aan de arme mensen. 29 Zeg geen grove dingen meer. Zeg liever iets goeds, iets wat nuttig is en de andere mensen opbouwt; punten waar de mensen iets aan hebben. 30 Beledig G’ds Roeach niet. Want de Eeuwige beschermt jullie en bewaart jullie tot de dag dat jullie helemaal bevrijd zullen worden. 31 Werk eraan om alle bitterheid, boosheid en haat uit je systeem te krijgen. Stop met schelden en vloeken. Kortom, alle soorten slecht gedrag moeten jullie wegdoen. 32 Wees vriendelijk en behulpzaam voor elkaar. Vergeef elkaar, net zoals Adonai jullie door het werk van Yeshua heeft vergeven.
Lion Erwteman over Tetsawee
Sjabbat Zachor, Deuteronomium 25:17-19; 1 Samuel 15:2-34
De parasja begint met de opdracht aan de Kinderen van Israël om olijfolie te persen voor de Menora, de zevenarmige kandelaar in het Heilige van de Tabernakel, en de opdracht aan Aharon en zijn zonen deze te onderhouden en te laten branden van ‘de avond tot de ochtend’. Zo wijst de kandelaar op Gods aanwezigheid en is het nooit donker in het heiligdom. “G’d is licht, er is in Hem geen spoor van duisternis” (1 Johannes 1:5). De Menora was de enige lichtbron in het Heilige. De vuurkooltjes van het reukofferaltaar waren niet voldoende om de ruimte te verlichten.
Het feit dat de Kinderen van Israël voor de olijfolie moesten zorgen, geeft aan dat zij daarmee deel hadden aan het mogelijk maken van de diensten en de werkzaamheden van de priesters. In G’ds Koninkrijk is ieders bijdrage belangrijk. De Menora was vervaardigd in de vorm van amandelbloesems, een symbool van leven. In het oude nabije oosten werd ook ‘licht’ als woord gebruikt voor ‘leven’, terwijl ‘donker’ of ‘duisternis’ als symbool of woord voor ‘dood’ werd gebruikt. Yeshua is het Licht van de wereld. En wij door Hem.
De functie van de hogepriester is alleen voor een klein deel terug te zien in het werk van de Messias,die van een andere orde dan die van Aaron hogepriester is, namelijk de orde van Melchisedek, zie Genesis 14:18. In Psalm 110:4 wordt dat genoemd: De Eeuwige heeft gezworen en dat verandert Hij niet: Jij bent priester voor eeuwig, naar de orde van Melchisedek. Messias komt van het woord Masjiach: gezalfde. Denk aan de wijding van de hogepriester met olijfolie.
De essentie hiervan staat in Tehilliem, in Psalm 133: “Een bedevaartslied, op naam van David. Wat is het toch goed, wat is het heerlijk, om als broeders en zusters eendrachtig samen te wonen. Als kostelijke olie is het op Aharons hoofd, die neerdruipt in de baard en van de baard op de kraag van zijn kleed. Als dauw is het, dauw van de Hermon, die neerdruipt op de bergen van Sion. Daar schenkt de Eeuwige Zijn zegen: leven voor altijd.”
In Exodus 28:2 zegt de Eeuwige tegen Mosjee: “Laat voor je broer Aharon heilige kleding maken, die hem waardigheid en aanzien verleent.” Het Hebreeuwse woord ‘kawod’ betekent naast ‘glorie’ ook ‘eer’. Het Hebreeuwse woord ‘tiferret’ betekent ‘pracht’ en ‘enorme schoonheid’. Aharons kleding laat zien hoe de hogepriester apart gezet was ten opzichte van de gewone priesters, om zijn speciale taken te verrichten, waaronder de belangrijkste op Jom Kippoer, Grote Verzoendag: verzoening doen voor hen die vertrouwen op de Schepper van de hemel en de aarde.
Zoals in de hele Bijbel wordt onderwezen dat waardig gedrag een kernmerk is van een ware gelovige, staat dat ook genoemd in de brief aan de Efeziërs. Paulus beseft, dat goed gedrag niet automatisch in ons is. Oud slecht en respectloos gedrag komt automatisch uit mensen. Daarmee beledig je de Geest van de Eeuwige, zie vers 30, omdat je daarmee de Eeuwig allerminst vertegenwoordigt. De oude natuur ligt op de loer, door Paulus in één woord samengevat als de duivel, zie vers 27. Ga om slecht gedrag uit te bannen geen duivels uitwerpen, maar werk bewust en specifiek aan je slechte kanten. Dat helpt in je verzoening en je relatie met de Eeuwige en met medemensen.
Sjabbat sjalom,
Lion S. Erwteman, rosj kehilla van Beth Yeshua
Amsterdam











