Blog ; Onze gemeente ; Jeugdgroepen

Waarschuwing
Er zijn websites te vinden, die met de naam Beth Yeshua verwarring zaaien.
Andere Nederlandstalige websites met dezelfde naam hebben niets te maken met:
1. de gemeente Beth Yeshua in Amsterdam en
2. de website www.beth-yeshua.nl
Lion en Elze Erwteman

mei 2017
Israël kent drie opgangsfeesten. Dat zijn: Pesach, Sjawoeot (Wekenfeest) en Soekot (Loofhuttenfeest). Vroeger reisden Joden en Jodengenoten – Grieken genoemd – naar Jeruzalem om daar, met de inwoners, die feesten te vieren. En ze zongen de speciale psalmen die we de Opgangspsalmen noemen. Het zijn er 15 in het totaal, namelijk Psalm 120 tot en met 134. In het Hebreeuws heet elk van deze psalmen: ‘sjier hama’alot’, Lied van Opgang.

Dat opgaan heeft te maken met het beklimmen van de ongeveer 800 meter hoge berghellingen die je in en rondom Jeruzalem vindt. Kwam je uit de buurt, dan viel het mee met de klim, maar vanuit de vlakte eiste het een behoorlijke inspanning om je doel te bereiken. In Jeruzalem vond je langs de route gelegenheden, waar je je kon baden en waar voedsel, water en wijn ingekocht konden worden. Psalm 121 begint zo: “Een lied van opgang. Ik hef mijn ogen op naar de bergen. Waar zal mijn hulp vandaan komen?”

En Psalm 122: “Een lied van opgang van David. Ik was verheugd, toen men tegen mij zei, ‘Laten wij naar het huis van de Eeuwige gaan’.” En ook Psalm 125: “Een lied van opgang. Wie op de Eeuwige vertrouwen, zijn als de berg Sion, die niet wankelt, maar voor altijd blijft.” Je ziet de omgeving voor je, waarin deze gelovigen te voet op reis zijn. De stad is altijd bruisend en overvol met al die gelovigen. Je leest daar bijvoorbeeld over in de Bijbel in Handelingen hoofdstuk 2 en bij de geschiedschrijver Josephus.

Door het vurige verlangen van deze reizigers naar de diensten in de Tempel op deze feesten vonden er ook speciale wonderen plaats, zoals de vlammen op de hoofden van Yeshua’s leerlingen. Hoe vuriger ook wij verlangen naar onze diensten met elkaar, des te meer je kunt verwachten van het optreden van onze Papa in de hemel. Altijd heeft Israël met Pesach beleefd, hoe Messiaanse bevrijding van het oude en hemelse sturing naar het land Israël jaarlijks actueel was.

En na Pesach komt Sjawoeot, Wekenfeest (Pinksteren) als het logische vervolg, namelijk de hemelse bevestiging van ieders priesterschap en het stilstaan bij wat G’d had geschonken, namelijk Zijn hemelse grondwet. Bij elk feest begeleidde G’ds Geest de vierders. Bij Pesach: weer meer opruiming van oude zaken in mensenlevens.

En bij Sjawoeot: je nog beter leren richten op mensen om je heen en je zorgzaamheid en respectvolle interesse tonen in woord en daad. Nog een psalm, 113 deze keer: “Een lied van opgang van David. Kijk eens hoe goed en hoe aangenaam het is wanneer geloofsgenoten met elkaar in eenheid kunnen zijn (Hinee ma tov oema na’iem).” Eenheid, in combinatie met zorgzaamheid en respectvolle interesse, verdraagt verschillen van mening. Want je laat elkaar altijd intact. Op naar Sjawoeot!

april 2017
Deze maand is het weer Pesach. Vervulling van de belofte van verlossing is waar de mensheid naar uitkijkt. De jaarlijkse viering van Pesach helpt te oefenen voor die vervulling, met terugblik op onderdrukking en vooruitzien naar volledige bevrijding. Pesach helpt ons onszelf te resettenhet spoor op te pakken dat dwars door hoge golven loopt.

Veel van onze problemen, misschien wel allemaal, hebben te maken met een gebrek aan geborgenheid en de schade die daaruit voortkomt. Schade die we zelf aanrichten en schade die ons werd aangedaan. We kregen problemen met vertrouwen van anderen, vertrouwen in onszelf. Plekjes afsterving zijn zich gaan vertonen, in denken en in onze emoties.

De Bijbel spreekt over verontreiniging, dood en het aanraken van dode mensen. Mensen zonder hoop, mensen die zijn afgedwaald, mensen die zijn meegesleept door anderen. Pesach is om ons te laten reinigen, om ons onaantastbaar te maken tegen dit soort afsterven. Pesach is om ons verder te ontwikkelen in ons priesterschap. Priesters behoren tot het rijk van het leven.

We moeten kleine stukjes dood in onszelf opsporen en verwijderen. En Pesach is daar bij uitstek de gelegenheid voor. De massamoord op de Joodse jongetjes veroorzaakte diep verdriet en stukjes afsterven, wat genezing nodig had. Dood is ook besmettelijk. Doden zijn ook die mensen, die elkaar begraven, Maar Yeshua zei tegen hem, “Volg Mij en laat de doden hun doden begraven” (Matteüs 8:22).

Mensen die door andere doden zijn besmet, krijgen van Adonai een nieuwe kans. Mensen die uit families met puinhopen afstammen hebben een bijzondere toekomst, “Zij zullen de overoude puinhopen herbouwen, het verwoeste uit vroeger tijd doen herrijzen en de steden vernieuwen, die in puin liggen, die verwoest hebben gelegen van geslacht op geslacht” (Jesaja 61:4).

Het is heel belangrijk ons te reinigen van de dood die graag aan ons wil kleven. Dat overkomt iedereen. Laten we erkennen dat we zo gemakkelijk de dood kiezen. We hebben G’ds vergeving en genezing nodig. Onbeleden dood en fouten behoren tot het rijk van de dood. We kunnen niet meer bitterheid in de schoenen van een ander schuiven.

Uiteindelijk kunnen we de ander niet meer de schuld geven van onze onlustgevoelens. Elke doodskeuze moeten we belijden. En dan zal Adonai ons reinigen. Dan wordt alle puin geruimd en wordt er weer gebouwd. Onze Uittocht leidt ons tot steeds meer afstand van dreigende dood. En hoe meer afkeer van afsterven, des te meer verlangen om te leven.

Laten we in onze voorbereidende schoonmaak voor Pesach streven naar reiniging van alle dood, in lichaam, ziel en geest. Laten we ook bidden om doodsmachten te verbreken. Leer verantwoordelijkheid te nemen voor je leven. Pesach haalt je uit je comfortzone, heb vrede met die onvrede. Oefen in het uitdragen van priesterschap dat leven verspreidt. Geniet van de schoonheid en het leven van de lente. Beleef je bevrijding met Pesach!

maart 2017
Poeriem hoort niet in de Bijbel, zeggen sommige ijveraars. Want G’d, de Eeuwige, komt er niet in voor. Alleen een toespeling dat er van andere zijde redding en uitkomst zal opdagen; verkwikking en verlossing uit een andere plaats. Maar Israël besloot dat de Brief van Ester wel in de Bijbel, in de Tenach, thuishoort. Wat heeft Israël ertoe bewogen deze brief toe te laten in de Tenach?

Ester en Mordechai leefden in een vijandig land. Hun leven liep voortdurend gevaar. Vandaar de burgeroorlog, met 75.000 Perzische slachtoffers. Ze moesten om die reden hun identiteit verbergen. De hele geschiedenis van Ester is doordrenkt van dit verbergen. Ester en Mordechai waren ondergedoken. Ze wisten hoe ze incognito onder de mensen konden zijn.

Om die reden is de geschiedenis niet openlijk beschreven en is elke vermelding van de Eeuwige weggelaten. We zien het zich aanpassen aan de lezers ook in het boek Daniël, waar delen in het Hebreeuws zijn geschreven, voor het Joodse publiek, en delen in het Aramees, om de niet-Joodse lezers in die tijd direct aan te spreken.

Een tweede reden dat G’d niet wordt genoemd in de brief van Ester is, dat de Eeuwige zich heeft verborgen in die periode. Niet op de manier dat Hij afwezig is, maar dat Hij minder bereikbaar en minder ervaarbaar is. Er zijn perioden in ons leven, dat de Eeuwige minder bereikbaar is en minder ervaarbaar. Niemand kan zeggen waar dat aan ligt. Een van de redenen kan zijn dat het aan ons zelf ligt. Maar ook kan de Eeuwige redenen hebben om ons zelf te laten worstelen, waarbij er niets verkeerds van onze kant is.

De derde reden is dat ons leven nu eenmaal geestelijke momenten kent en ook praktische. Je kunt heel geestelijk lijken als je overal voor bidt, letterlijk overal als je sommige mensen moet geloven. Maar de Eeuwige heeft ons ook verstand gegeven om zaken zelf aan te pakken. Bovendien moeten we bij een ziekte of de aankoop van iets ook vertrouwen op de kennis en expertise van een arts en een financieel expert.

Mordechai heeft, samen met Ester, heel praktisch hun volksgenoten voorzien van wapens en militaire training, om zo de Perzische troepen te kunnen verslaan. Het zegenen van de wapens hoorde daar niet bij. Dus is Ester een geweldig verslag, van onderdrukt worden en toch overwinnen, van Israël dat gevangen zit in een vijandige omgeving en zelfs iemand van Israël op de troon heeft zitten, zoals indertijd in Egypte.

Ester waarschuwt om wijs om te gaan met het uitkomen van wat je gelooft. Niet Joodse liedjes zingen bij een treinstation en dan onze gemeente onveilig maken door daar vervolgens naar toe te lopen. Besef dat G’d zich soms verbergt; wees praktisch en wordt niet overgeestelijk. En besef dat de Eeuwige alles voor ons overheeft. Geniet van Poeriem!

februari 2017
Wat is belangrijker, woorden of daden? Rotterdammers weten het antwoord daarop. Woorden kunnen een mooier beeld geven, dan de realiteit. Aan de vruchten kent men de boom, niet aan het klappen van de boom. Ook wanneer we tot voorbeeld voor een ander zijn, spreken daden luider dan woorden. Kinderen zijn goed in staat het verschil te zien tussen onze, soms zo geestelijke woorden en onze, soms niet zo geestelijke daden.

Maar er is meer dat ons tot een goed mens maakt. Het leven van mensen met een baan is druk en bestaat voor een behoorlijk deel uit presteren, uit daden. Het nadeel van dat drukke bestaan is, dat aandacht in de verdrukking komt. Aandacht voor de mensen direct om je heen. Aandacht voor jezelf. De dingen die je vindt, waarom vond je die ook al weer?

En er is nog meer. Want bij aandacht hoort ook goed communiceren. De stijl is geworden: korte oppervlakkige facebook zinnetjes, een vraag stellen via de mail en nadat je antwoord hebt gekregen, niet even laten horen dat je dankbaar bent met het antwoord, of in ieder geval dankbaar dat er geantwoord werd.

Wat je soms hoort is dat mensen hun kerkelijke gemeente verlaten, maar niet communiceren dat ze dat besluit aan het nemen zijn of hebben genomen, ook niet, wanneer daar nog eens naar wordt gevraagd. De achterblijvende mensen in die gemeenten die aandacht en verantwoordelijkheidsgevoel en betrokkenheid tonen, hebben verdriet dat ze niets horen.

Inderdaad behoren verantwoordelijkheidsgevoel en betrokkenheid ook bij de eigenschappen van een goed mens, van de nieuwe mens. Al deze eigenschappen: daden, aandacht, communiceren, verantwoordelijkheidsgevoel en betrokkenheid vinden we terug in het karakter van Yeshua. Het zijn eigenschappen die zich ontwikkelen, als we Tora beoefenen, niet alleen Sjabbat, maar ook schade vereffenen, niet mogen lasteren, en zo meer.

Het zijn de eigenschappen die je terugvindt in onze gemeente, waardoor we de warmte uitstralen, waarover je hoort spreken door onze gasten. Deze eigenschappen vind je niet in een geloofsbelijdenis. En er zijn meer eigenschappen, zoals iemand niet veroordelen. Wees geïnteresseerd in de ander die zaken anders ziet dan jij. Je zou iets over het hoofd hebben kunnen zien.

Nog een eigenschap: niet een ander dwingen te vergeven, maar de dader ertoe brengen zijn of haar fout toe te geven. Zeker op momenten van onzekerheid komen geloof en al deze eigenschappen erop aan. Hoe kleiner de cirkel en hoe krampachtiger we vasthouden aan eigen invullingen van de Bijbel, des teis het, wanneer G’d op de deur van die kleine cirkel klopt, zie Openb.3:20.

Maar wie zijn cirkel zo groot maakt dat de Eeuwige er ook in past, zal Zijn bescherming ervaren. Op naar de nieuwe mens.

januari 2017
De gangbare jaartelling geeft aan dat er weer een nieuw jaar is begonnen. Deze jaartelling, ook wel de christelijke jaartelling genoemd, is ingesteld door Dionysius Exiguus, een monnik die een paastabel met data wilde maken. Dit was rond 525 van de gangbare jaartelling. Hij koos daarbij een nieuwe jaartelling, waarbij hij wilde dat het begin daarvan de geboorte van Yeshua moest zijn.

Daarbij vergiste hij zich, want die heeft ongeveer in het jaar 4 voor zijn gekozen begin plaatsgevonden. De monnik maakte een jaartabel die ongeveer vier jaar achterloopt. We kunnen er wel zeker van zijn welke dag van de week het is en welke maand, maar niet welk jaar. De Eeuwige trekt zich daar niets van aan. Een Hebreeuwse of Christelijke kalender, Chinese of Ethiopische, Islamitische of Japanse, het plan van G’d loopt en gaat door tot zijn voltooiing en vervulling! G’ds wegen zijn hoger dan onze wegen.

We kunnen ons afvragen waarom Jozef, de zoon van Jakob, zo veel moest lijden, voordat hij de onderkoning van Egypte werd. Maar het is beter te beseffen dat het normaal is dat we lijden, wanneer we, net als Jozef, onze principes hoog houden en niet weglopen voor wat we, net als hij, ervaren als dreigend gevaar. Lijden hoort bij geestelijk succes, zoals dood hoort bij het leven, ook bij eeuwig leven. G’ds wegen zijn hoger dan de onze. Ook het feit dat de vreemde geschiedenis van Tamar met Jehoeda het lopende, bijbelse verslag onderbreekt, laat dat zien.

En vreemd is die geschiedenis inderdaad. Tamar werd gedwongen door Jehoeda, haar schoonvader, weduwe te blijven, totdat de baby jongetjes de huwbare leeftijd hadden bereikt. Dat duurde haar te lang en als prostituee verkleed lokte ze Jehoeda in een affaire die haar zwanger deed worden. Een van de zonen die daaruit geboren werd, Perez, werd de voorvader van de Messias. Daarom hoort die geschiedenis juist wel midden in de lopende bijbelse rapportage. De lijn van de Messias moet duidelijk zijn. Wat een gebrokenheid op aarde, maar wat een hogere, hemelse wijsheid die laat zien dat G’ds wegen hoger zijn dan de onze.

Zo heeft Yeshua – de Messias die in de Talmoed genoemd is naar Jozef: Messias zoon van Jozef – een moment dicht bij twijfel geleefd, toen Hij zei, Laat deze beker, deze opdracht, aan mij voorbijgaan. Een engel uit de hemel moest Hem op het rechte spoor houden, terwijl Yeshua van het naderende vijandelijke gevaar wilde weglopen. Gelukkig gaf Hij het juiste voorbeeld en liep Hij niet weg, maar volbracht Hij Zijn opdracht. Ook daarin was G’ds weg hoger dan die van de mens Yeshua. Hij bleek een doorzetter te zijn, gelukkig maar! Veel doorzettingsvermogen gewenst in 2017! Lion Erwteman

december 2016
De najaarsstormen zijn begonnen. Al op zondag 20 november diende de eerste echte storm zich aan. Windstoten van 90 in het binnenland tot 110 km. per uur aan de kust. Het lijkt net alsof alle adem die mensen hebben gebruikt voor hun gesprekken uiteindelijk weer terugwaait. Wij als mensheid produceren heel wat wind, we verplaatsen heel wat lucht.

Maar de vraag is: wat produceren we, niet: hoeveel. En omdat de levensadem door de Eeuwige wordt ingeblazen komt er nog een vraag bij: wat doen we met onze adem als G’ds geschenk, hoe gaan we om met wat we van de Eeuwige hebben ontvangen.

Het was precies het verkeerde luchtgebruik dat de verwoesting van onze Tempels veroorzaakte. Tweedracht in het volk Israël heeft, lees de teksten maar na, nooit iets goeds gebracht. Geef een kachel te weinig lucht en je krijgt slechte verbranding. maar geef een kachel teveel lucht en je krijgt een te groot vuur met kans op brand.

Het is de balans in lucht en hoe die lucht gebruikt wordt, die zorgt voor iets moois – een vuur dat heerlijk verwarmt – of juist iets heel lelijks – een uitslaande brand. Zo werd in de tijd van het eerste Chanoeka de Tempel van Israël verwoest door innerlijke verdeeldheid. Een vijand ruikt verdeeldheid, zoals een hond ruikt wanneer iemand bang is.

Tot zover niets bijzonders. Het is pas bijzonder dat op 25 Kislev in het jaar 160 voor de gangbare jaartelling de verwoesting door de vijand (Syrische militaire troepen) stopte en de moordpartijen tot een halt kwamen en olie die slechts voor één dag licht kon zorgen werd door de Eeuwige wonderbaarlijk vermenigvuldigd tot acht dagen.

De mens gebruikt zijn adem niet altijd goed en de najaarsstormen lijken weer evenwicht te moeten brengen. Maar de Eeuwige zorgt ervoor dat de kwalijke gevolgen van al die valse lucht worden opgeheven. Natuurlijk niet automatisch. We zullen moeten zorgen in de gaten te krijgen hoe we goed leren omgaan met onze lucht.

De najaarsstormen zullen niet stoppen, want het aantal mensen dat niets doet aan lasjon hara, jetzer hara en roeach hara blijft altijd groter dan het aantal mensen dat aan zichzelf werkt. Maar we zijn het aan elkaar en aan de Gever van onze adem verplicht goed om te gaan met onze adem.

Daniël zei ooit tegen de slechte Babylonische koning Belsjazzar, “De G’d in wiens hand uw adem is en die al uw paden beschikt, Hem hebt u niet verheerlijkt.” Rake opmerking. Dat de lichten van Chanoeka symbool mogen zijn van ons voornemen de Eeuwige te verheerlijken met onze daden. Dat onze eigen olie nooit op zal raken! En is er toch storm, laat ‘t dan alleen in een glas water zijn. Vrolijk en stralend Chanoeka! Lion Erwteman

november 2016
Vijfentwintig jaar bestaat Beth Yeshua nu. En de viering op de Sjabbat van 22 oktober liet merken hoe dicht we naar elkaar zijn toegegroeid als gemeente. De zo persoonlijke manier waarop we schreven in het boekwerk onder leiding van Yvon sprak boekdelen. En wat we hebben toevertrouwd aan ons jubileumboek sprak van vertrouwen en respect, van betrokkenheid en de wil om verder te bouwen. Wat een kwaliteit aan presentaties op het feest. Met alle ballonnen en dansen en liederen en muziek.

En nu zijn we begonnen aan de tweede periode van 25 jaar. Wat zal die tijd ons allemaal brengen? Welke vernieuwing? Zijn we in staat mensen naar Beth Yeshua toe te trekken, vanwege onze aantrekkelijkheid? Worden die taken, die nu voor een behoorlijk door ouderen worden gedaan, overgenomen door de jongeren? Zodat continuïteit wordt gewaarborgd. Zullen we nog veel meer nieuwe informatie vinden in de Bijbel? En zullen er genoeg schrijvers en sprekers zijn die zich tot onze ziel richten?

Hoe gaat de economie ons beïnvloeden? Hoe vindingrijk zullen we zijn om onze gemeente voortbestaan te bieden, ook financieel? En hoe vindingrijk zullen we zijn in oplossen van al onze onenigheden? Komen er nieuwe liederen, nieuwe dansen, nieuwe gebeden, nieuwe verdieping? Komt er vernieuwing, zoals David zingt in zijn psalm 51, “Schep mij een rein hart, Eeuwige. Vernieuw in mijn binnenste een vaste geest.”

Zal onze jeugd zich vernieuwen? Niet de jonge mensen, maar de jeugd binnen in elk mens. Want bij wie de jeugd zich niet vernieuwt, wie niet jeugdig blijft, die verzuurt, die wordt oud door stil te staan, die is niet meer creatief, die kan niet meer spelen en vrolijk zijn. Het is de Eeuwige die onze ziel verzadigt met het goede, zodat onze jeugd zich vernieuwt als die van een arend, zegt Psalm 103. Dus laten we de Eeuwige toe, zodat Hij ons kan verzadigen?

Er zal ook een opvolging in de komende 25 jaar komen in leiderschap van de gemeente, verwachten we we; alhoewel, als je jeugd zich steeds maar blijft vernieuwen, dan weet je maar nooit! Zorgen we met elkaar dat we de gemeente zo goed laten functioneren, dat het aantrekkelijk is om daar leiding aan te geven en daar verantwoordelijk voor te kunnen zijn? Niet steeds meer werk voor steeds minder mensen. We houden ons aan de lijst waarop onze naam prijkt. Onze naam prijkt, want elk corvee bouwt mee.

Nou, dit lijstje met huiswerk is genoeg om de volgende 25 jaren mee te vullen. Laten we bij dit alles veranderd mogen worden  door de vernieuwing van ons denken, waar plaats is voor Yeshua en voor de Tora. Op naar de volgende 25 jaar!

oktober 2016
Vijfentwintig jaar als familie, vijfentwintig jaar bruidsgedrag oefenen, vijfentwintig jaar koffie en thee drinken, vijfentwintig jaar Bijbelstudie, vijfentwintig jaar preken aanhoren, vijfentwintig jaar geboortes, vijfentwintig jaar lekkers voor na de dienst, vijfentwintig jaar pepermuntjes tijdens de dienst, vijfentwintig jaarreizen naar Israël.

Vijfentwintig jaar Melach HaArets uitgeven en lezen, vijfentwintig jaar baby’s bewaken in Sjmiera, vijfentwintig jaar zonden belijden met Jom Kippoer, vijfentwintig jaar reizen naar Amsterdam, vijfentwintig jaar tienden betalen, vijfentwintig jaar voor Israël bidden en helpen met geld, vijfentwintig jaar jaarvergaderingen, vijfentwintig jaar conflictjes oplossen.

Vijfentwintig jaar dansen als David, vijfentwintig jaar danken in het Amida dat de Eeuwige de doden laat opstaan, vijfentwintig jaar boekenaanbod van HaOr, vijfentwintig jaar Galoei Bagaloet, vijfentwintig jaar een geestelijk thuis bieden, vijfentwintig jaar dopen op grond van levend geloof, vijfentwintig jaar huwelijken, vijfentwintig jaar aan herinneringen.

Hoe kan dat, Joden en gelovigen uit de volken in dezelfde gemeente? De Tora ook voor de gelovigen uit de volken? Yeshua als Messias ook voor de Joden? Waar staat dat? In de Tora en de Profeten staan teksten over eenzelfde wet voor Joden en niet-Joden:
Exodus 12:49, het vieren van Pesach en besnijdenis;
Leviticus 16:26-31, Grote Verzoendag, het zondeoffer en de volkomen Sjabbat;
Leviticus 17:14-16, geen bloed eten;
Leviticus 24:22, rechtspraak en doodstraf;
Numeri 9:14, Pesach vieren en besnijdenis; Numeri 9:15 en 16, over de gemeente
Numeri 15:16, het brengen van een vuuroffer
Numeri 15:27-29, zonde en verzoening,
Jesaja 56:6-7, de Tempel en het vieren van Sjabbat en het eerste verbond houden en het brengen van brand- en slachtoffers in de Tempel.

Dus geloof en Wet kunnen samen? “Stellen wij dan door het geloof de Wet buiten werking? Beslist niet. Met geloof bevestig je juist de Wet” (Romeinen 3:31). Maar wie in Yeshua gelooft is toch bevrijd van de Wet, wordt wel gezegd. Wat zegt Yeshua, “Ik ben niet gekomen om de Wet en de Profeten af te schaffen. Ik ben gekomen om die te vervullen” (Matteüs 5:17).

Dus Hij heeft de Wet voor ons vervuld? Nee! Hij zegt: “Wie één van de kleinste geboden afschaft en dat onderwijst is in het Koninkrijk van de hemel niets waard.” Hij geeft ons huiswerk. Dus de Wet en Yeshua garandeert een gemeente als Beth Yeshua? Beslist niet, want zonder wederzijds respect kom je er niet. “Als ik de liefde niet had” (1 Kor. 13). Dat alles maakt wie we zijn. Bijzonder toch!

juli-augustus 2016
Hoe blij moet je zijn met de Tora? Zijn we nou vrij, of gebonden? Je wilt de geboden goed doen, maar hoe goed; en hoe goed is goed? Over opstanding uit de dood en eeuwig leven lees je in Tora, profeten, psalmen en Nieuw Testament; maar hoe goed moet je als mens zijn om daar aanspraak op te kunnen maken? We zijn G’ds schepselen en we behoren tot Zijn schepping. G’d is volmaakt, is Zijn schepping dan niet ook volmaakt? Dus dan zou je als mens automatisch goed moeten kunnen zijn. Maar we weten dat dit niet zo is.

De vraag is dan ook: wat is volmaakt in G’ds ogen. We mogen niet volmaakt beschrijven zoals in de tijd van wrede onderdrukkers, die alles wat ziek, anders, minder aangepast en ander uiterlijk zien als onvolmaakt. De Eeuwige weet hoe breekbaar, sterfelijk, vatbaar voor ziekten, emotioneel niet stabiel en snel afgeleid de mens is. En Hij heeft daar een tijdloos hulpmiddel voor ter beschikking gesteld: de Messias die vrede brengt en onze relaties met elkaar en met de Eeuwige herstelt; door Zijn offer dat sedert de schepping is gebracht.

Paulus beschrijft hoe hij gevangen zit in de wet van het doen van verboden handelingen en het niet doen van te verrichten handelingen, “Want wat ik doe heb ik niet in de hand. Ik doe namelijk niet wat ik zou willen doen; maar ik doe waar ik een afkeer van heb” (Romeinen 7:15; zie ook vers 19). In 8:1 zegt hij, dat daar geen veroordeling voor zal zijn. En dus zegt hij daarmee, dat hij niet uit die gevangenis van die wet komt. Rabbijnen als Shimon ben Pazzi (3e eeuw g.j.) spreken al net zo.

Zijn we verloren als gelovigen? Juist niet, want de Eeuwige heeft een – in Zijn ogen – volmaakt product gemaakt. Met een vrije wil en een stenen hart. Die wil van ons buigt langzaam Zijn kant op. En ons hart van steen zal alleen door een hart van vlees worden vervangen, wanneer de Eeuwige die ingreep doet (Eze.11:19).

Wat te doen met geboden, waar de invulling daarvan niet is aangegeven (zoals het houden van Sjabbat)? En met geboden en andere teksten in de Tora en andere plaatsen, wanneer die op meerdere manieren kunnen worden uitgelegd; hoe kun je daar dan op vertrouwen dat je het goed doet? Ook daarvoor geldt, dat de Eeuwige met opzet dit soort opdrachten geeft. Wij moeten de details en de invulling zelf zien te vinden, door onderlinge afspraken, mensenwerk en teamwerk dat op die manier wordt gestimuleerd vanuit de hemel.

We kunnen vragen: kijkt de Eeuwige wel of niet naar ons gedrag. Kijk naar Zijn naam, wanneer Mosjee daarnaar vraagt, “Ik ben, die Ik ben” (Exodus 3:14). Dus niet: Ik ben door wat ik presteer. In de ogen van de Eeuwige worden we gewaardeerd door wie we zijn. Het is als het boeketje veldbloemen dat ik vroeger plukte voor mijn moeder en waarmee ik thuiskwam, toen de bloemen al verdord waren. Wat was ze blij met de bloemen, niet door de prestatie, maar door wie ik was. G’d is goed! Hij houdt van ons. Laten we genieten van onze G’d!

juni 2016
Binnenkort is het Sjawoeot, Wekenfeest. In Israël zijn er mensen in kibboetsen die op dat feest met hun eerstelingen pronken. Dat kunnen zijn: hun jonge kinderen en ook hun vruchten van het land. Men gelooft dat met Sjawoeot nieuwe kracht vanuit de hemel komt, om alles aan te kunnen, om te groeien in geloof en vertrouwen in de Eeuwige, om leven uit te dragen aan anderen.

Dit is wat Yeshua aan Zijn discipelen beloofde, “Ik zorg dat de belofte van mijn Vader op jullie komt. Maar jullie moeten in de stad blijven, totdat jullie bekleed worden met kracht vanuit de hemel.” De belofte van de Vader, wat is dat? Christelijke theologie zegt: de Geest. Maar een dergelijke belofte vind je nergens in de Tenach in verband met Sjawoeot (wel dat G’ds Geest zal komen, zie Jesaja 44:3 en Joël 2:28). Dit is G’ds belofte: een afstammeling van koning David op de troon – de Messias (Zijn offer en vrede); landbelofte; mensen terugbrengen naar Israël; een nieuw hart. En Yeshua zorgt ervoor; Hij zendt kracht tot vernieuwing aan Zijn eerstelingen, de Trooster.

Dus Wekenfeest is vieren, dat we deze beloften), genoemd in de Tora, ontvangen. Wekenfeest viert de ontvangst van de Tora, waarin die combinatie van beloften staat geschreven. Die belofte is hard nodig, om ons bestaan van worstelen verdraaglijk te maken. Psalm 145, de psalm die deel uitmaakt van onze wekelijkse diensten, beschrijft dit heel goed: aan de ene kant de Eeuwige en aan de andere kant wij in onze worsteling.

Tot en met vers 13 jubelt David over G’ds heerlijkheid. En dan in vers 14 zie je opeens mensen die vallen, gebogen zijn, honger hebben en die de Eeuwige roepen in hun nood. Wat opvalt is, dat de beginletters van de psalm het Hebreeuwse alfabet vormen. Maar de beginletter noen (getalswaarde 50!) ontbreekt. Alsof deze psalm de verborgen boodschap heeft, dat je kracht nodig hebt door G’ds Geest, om te worstelen en ook nog te kunnen genieten.

Niet uniek voor het Nieuwe Testament, want koning David had G’ds Geest, lees Markus 12:36, die dat had gelezen in 2 Samuël 23:2. En wat te denken van Jakob die G’d zag aan de top van een ladder! En heel Israël dat eenparig reageert, zie Exodus 19:8. Daar is Wekenfeest voor, het feest dat we 50 dagen na Pesach vieren: nieuwe kracht ontvangen en weer voelen dat je een eersteling bent, een originele gelovige die bewust gekozen heeft voor de G’d van Israël en voor Yeshua, de Messias die ons eeuwig leven geeft.

De discipelen, die al lang door G’ds Geest bestuurd werden, moesten wachten op die extra levenskracht, voor motivatie, voor nog meer vertrouwen, voor de uitleg van Yeshua als Messias vanuit de Tora, de Profeten en Geschriften. Wij mogen dat ook verwachten, speciaal op Sjawoeot, dit jaar op 12 juni.

Lag BaOmer 2016
Lag BaOmerDe afgelopen week werd in heel Israël vreugdevuren aangestoken. De oogst van zes weken brandhout zoeken werd op Lag BaOmer benut om gezellig bij het vuur te zitten, te BBQ-en en te dansen. De traditie zegt dat er twee redenen zijn voor het vieren van Lag BaOmer.

Eén daarvan is het stoppen van een dodelijke plaag onder de leerlingen van rabbijn Akiva (40-137 gangbare jaartelling), op de 33ste (lag; de getalswaarde van deze Hebreeuwse letters: lamed = 30 en gimel = 3) dag van de telling van Omer. Die plaag was ontstaan, doordat zij niet respectvol met elkaar waren omgegaan. En leerlingen van zo’n belangrijke leermeester zouden het voorbeeld moeten geven.

De tweede reden is de Jahrzeit (jaarlijkse herdenking van het overlijden van) rabbijn Sjimon bar Jochai (ook 2e eeuw g.j.). Hij was de eerste rabbijn die openlijk lesgaf over de geest van de Tora, de mystieke dimensies (kabbala) van de Tora. Hij heeft de Zohar geschreven.

De geest van de Tora is een term die we ook tegenkomen bij Paulus in 2 Korinte 3:6, “[G’d] die ons in staat heeft gesteld om dienaren te zijn van een nieuw verbond niet van de letter, maar van de Geest, want de letter doodt, maar de Geest maakt levend.” Paulus zegt dat het nieuwe verbond van de Geest is. Welke Geest? De Geest van de Tora, want het nieuwe verbond zelf is: de Tora in je hart, volgens Jeremia 31:33.

Paulus zegt wel dat de letter doodt. Maar dat is te vergelijken met de verkeerswet die “doodt”, wanneer we de waarschuwing – wachten bij een rood stoplicht – negeren. Paulus zegt namelijk in Romeinen 8:2, “Want de wet van de Geest van het leven met Yeshua de Messias heeft jullie vrijgezet van de wet van zonde en dood.” De wet van de Geest? Ja, de Geest van de Tora. De kabbala heeft dat veel verder uitgewerkt, met het risico, dat mensen minder afhankelijk worden van G’ds ontferming en meer uit eigen eer gaan doen.

De uitleg van de Tora is mensenwerk, met alle vooroordelen die onveranderd kunnen blijven! Maar de inhoud van de Tora is geestelijk, die vraagt om letterlijk en geestelijk inzicht, geleid daarbij door de Geest van de Eeuwige. Tot diep in de nacht hebben de vuren gebrand. Tegelijkertijd kwam de maan mooi op en op een gegeven moment stond de maan precies boven het vreugdevuur bij ons in de buurt, zie de foto.

mei 2016
Pesach ligt achter ons. De jaarlijkse reis is opnieuw begonnen. De woorden van Mosjee klinken nog na, “Blijf je deze dag herinneren, waarop jullie uit Egypte, het slavenhuis, zijn weggetrokken. Dat de Eeuwige jullie met een machtige hand hier vandaan heeft weggeleid. Daarom mogen jullie geen chamets eten. Vandaag zijn jullie weggetrokken, in de maand van de lente. Herinneren, dat hebben we gedaan, op de avond, die ook die eerste nacht het mysterieuze moment van bevrijding is geweest.

Bloed van lammetjes was het teken om de eerstgeborenen van Israël niet te laten sterven. De volgende ochtend werd, 1500 jaar later, Yeshua aan een executiepaal geslagen. Zijn bloed – offer – redt heel Israël en soulmates. Om steeds weer opnieuw weg te kunnen trekken. Israël en de menigte van andere volken mochten niet chamets gebruiken. “Daarom”, dat staat er! Omdat zij waren weggetrokken, geen chamets. Wat heeft zuurdesem nou te maken met bevrijding? Misschien niets, als je onschuldig gevangen zit.

Maar de redding die de Eeuwige biedt, is voor mensen die beseffen dat ze niet onschuldig zijn. Chamets heeft te maken met voedingswaren die kunnen rijzen, toenemen in volume. En het is dit toenemen in volume dat in de ziel van een mens zorgt voor afname van besef van eigen verantwoordelijkheid. En zorgt voor blindheid voor eigen fouten. En voor aangenaam verrast worden door snaren in je ziel die zijn gaan meetrillen met verkeerde zaken. Zoals een glas dat gaat meetrillen met een bepaalde toon en dan breekt.

De Eeuwige heeft Israël weggeleid uit Egypte. Dus mag je geen chamets gebruiken. Want chamets doet voedingswaren toenemen in volume. En dat is iets wat in onze ziel snaren laat meetrillen, die iets kostbaars in ons laten breken. Terwijl de trilling zelf bedrieglijk goed voelt. Bij de Seider op Pesach hebben we bitter en zoet gegeten. Onze tong is getraind om het onderscheid tussen bitter en zoet te proeven.

Pesach helpt ons om bitter en zoet in onze ziel te leren proeven. En dan niet bitter gauw te veroordelen en weg te moffelen, maar realistisch te bekijken en te leren herkennen. Dan pas kunnen we er achter komen wat ons bitter maakt en de Eeuwige vragen ons daarvan te bevrijden. Zo moeten we ook de snaren leren herkennen die niet meer moet meetrillen.

Verootmoediging is het proces, waarin we leren om toename in volume te herkennen en daar bevrijding voor te vragen. Vraag aan de Eeuwige om nieuwe snaren, die meetrillen met Zijn opdrachten en Zijn bemoedigingen. En vraag om herkenning van bitter en zoet; en van een nieuw muzikaal gehoor, voor de juiste stemming van de snaren in je ziel. Om weg te trekken, wanneer G’d je wegroept.

Hoor Israël & soulmates, G’d stemt je snaren,
Lion Erwteman

april 2016
Op 9 april a.s. is het 1 Niesan, de eerste maand van de maanden die samen het jaar vormen. Zoals Tisjri de eerste maand van elk jaar is (het begin van het geheel), zo is Niesan de eerste maand van alle maanden (het begin van de onderdelen). Regeringsjaren van de koningen van Israël werden altijd per 1 Niesan geteld. Sjmieta (zevende jaar) en Jubeljaar (50ste jaar werden en worden altijd per 1 Tisjri geteld. Bovendien is de maand Niesan de maand waarin Pesach werd en wordt gevierd.

Het was in de maand Niesan, ooit Aviv geheten,  dat de Uittocht heeft plaatsgevonden, zie Exodus 13:4. In dat woord Aviv zit de oorspronkelijke betekenis van: tederheid. Dat doet denken aan wat Yeshua heeft gezegd over de vijgenboom, “Leer van de vijgenboom deze les: Wanneer zijn hout weer week aan het worden is en zorgt dat de bladeren gaan uitlopen, weet je, dat de zomer nabij is. Zo moet jullie ook beseffen, wanneer je beseft wat er allemaal is gezegd, dat het nabij is en voor de deur staat (Matteüs 24:32-33)” Dat voor de deur staande het is volgens het Goede Nieuws van Lukas het Koninkrijk, zie 21:29-31.

Er is niets magisch met de vijgenboom, zoals er niets magisch is aan bloedrode manen. Maar net als die bloedrode manen herinnert de vijgenboom in de maand van het teder worden van de bomen, ons eraan, dat G’ds Koninkrijk nabij is. Door de gebeurtenissen. Leuke gebeurtenissen? Helemaal niet. Gruwel van verwoesting, valse Messiassen, grote verdrukking, daarover lees je in Matteüs 24. Op het dieptepunt komt “het teken van de Ben Adam, de Mensenzoon”. Dat is beschreven in het boek Daniël, zie 7:13, Daniël 7:13, “Ik bleef kijken in de nachtelijke visioenen. Iemand als een mens kwam met de wolken in de lucht. Hij ging naar Oude van dagen en men leidde hem voor de Oude.” Daniël beschrijft hier de Twee-Eenheid van de ene G’d van Israël.

Zo bezien is Pesach vieren, naast Uittocht herdenken en verlossing en uitwerken, ook stilstaan bij het Koninkrijk. De menselijke Koning zal uit Zijn rijk, dat niet van deze wereld is, uiteindelijk Zijn engelen uitzenden om alle uitverkorenen te verzamelen. En Pesach samen vieren is: aan elkaar en aan de Eeuwige laten zien dat je uitverkorene wilt zijn. Joden samen met niet-Joden, soulmates die samen de G’d van Israël en Zijn menselijke Koning aanbidden.

Ondanks de kletspraatjes van sommige tegenwoordige leraren, weet niemand wanneer het tijdstip aanbreekt dat G’ds Koninkrijk op aarde begint. Dat is de betekenis van Yeshua’s woorden, “Daarom moeten jullie er voor klaar zijn. Want op een uur, dat je het niet verwacht, komt de Ben Adam, de Mensenzoon (Matteüs 22:44).” Om klaar te zijn voor de vredige en veilige toekomst helpt het om het jachtige en bittere verleden te gedenken. Want ergens tussen dat verleden en die toekomst leven wij nu. En we hebben die jaarlijkse Pesach daarvoor nodig. Om teder te worden en te blijven. Kosjer en vrolijk Pesach!

maart 2016
Poeriem is altijd op 14 Adar, in Jeruzalem op 15 Adar. Dit jaar is dat bij ons op 24 maart. Het is een vrolijk feest, maar laten we niet vergeten dat het uit bittere nood geboren is. Er was een incident met een Joodse man die niet wilde buigen voor Haman, de eerste minister in het Perzische rijk 500 jaar voor de gangbare jaartelling. Dat maakte van deze keurige politicus een Jodenhater die de hele Joodse bevolkingsgroep in het toenmalige Perzië wilde vermoorden.

Kwam het door dat incident? Natuurlijk niet. Dat gaf hem een ingang bij de koning om een in zijn DNA vastgelegde haat te kunnen omzetten in genocide. Zoals een grote crisis en maatschappelijke onrust bij zijn collega Hitler dezelfde gevolgen heeft gehad. Het zou prettig zijn als we zouden kunnen zeggen dat dit soort DNA is uitgestorven na de laatste executies van oorlogsmisdadigers van de 2e wereldoorlog. Maar er lopen nazaten rond met getatoeëerde hakenkruizen op hun kale hoofd.

De grootmoefti van Jeruzalem was destijds een grote vriend van Hitler. En ook hij heeft nazaten. Niet alleen in beruchte militaire groepen. Maar ook op scholen. Margalith Kleijwegt, een Joodse journaliste, rapporteert erover, in opdracht van minister Jet Bussemaker. Zij schrijft in haar rapport “Twee werelden, twee realiteiten” in hoofdstuk 10: Intolerant gedrag (te downloaden via deze link), onder meer het volgende.

Een docente burgerschap van een mbo in Amsterdam was amper met de les over discriminatie begonnen toen een leerlinge met een Marokkaanse achtergrond opstond, deed of ze een wapen vasthield, in de rondte begon te schieten en op luide toon riep: ‘Als ik een kalasjnikov had, schoot ik alle joden dood.’ De docente schrok, ze wilde meteen een eind maken aan dit gescheld. Ze probeerde het meisje erop te wijzen dat joden en allochtonen veel met elkaar gemeen hebben. Dat deze tirade niemand verder zou helpen. 

‘Maar ik drong niet door. Ik vroeg haar zich in te leven in een denkbeeldig joods meisje van vijf jaar dat hier woont. Wat heeft zo’n kind met de politiek van Israël te maken? Er was helaas geen plaats voor empathie. Dat kleine meisje interesseerde haar niet, ze had maar één boodschap: de joden moesten dood. De studente kreeg meer klasgenoten mee in haar tirade, ook Turkse leerlingen en niet­moslima’s vielen haar bij. ‘O, wat was dat heftig. De Surinaamse leerlingen hielden hun mond, geen idee waarom.”

De luidruchtige leerlinge had, zo rapporteert Margalith Kleijwegt, nog een nawoord voor haar lerares: “Aan het eind van de les werd ik door de boze studente apart genomen. Ze was inmiddels rustig en hoopte dat ik op het goede pad zou komen. “Dat gun ik u”, zei ze welgemeend.” DNA kan lastig zijn. Poeriem anno 2016 is zo reeël als maar kan. Reden om juist vrolijk te zijn. Want er zal “van andere zijde redding en uitkomst opdagen.” Vrolijk Poeriem!

februari 2016
Een mens zou af en toe de gelegenheid moeten nemen om na te denken over G’ds schepping en over de liefde en creativiteit, waarmee Hij Zijn werk heeft verricht. Geen kleur en ontwerp was Hem teveel. Aantallen, geen probleem. Mosjee besteedt er niet veel tijd en beschrijving aan. Maar koning David des te meer, zo vindt de Midrasj in Sjemot Rabba 15:22. David doet dat bijvoorbeeld in Psalm 104. In de eerste 5 verzen worden de hemel, het water, de wolken, de wind, het vuur en de aarde erg beeldend beschreven, naar hun scheppingsdagen.

Water heeft zijn grenzen opgelegd gekregen en moet zich beperken tot rivieren en beken, als bron van leven. Gras voor het vee en brood voor de mens komen uit de aarde voort. G’ds engelen worden genoemd in vers 4, zowel zij die lijken op de wind (roeach), als de engelen die vurig zijn (esj). De bomen met de nestelende vogels, hoge bergen met wilde geiten, ze dartelen in deze psalm. De psalm wordt sjier sjel jom genoemd, het Lied van de Dag. Want in vers 19 noemt David de maan met zijn feesten, het hemellichaam dat op de vierde dag werd geschapen. En de maan die klein is en groot wordt, geeft de Rosj Chodesj aan, de Dag waarmee de maanden worden geteld.

Leeuwen vinden hun voedsel van de Eeuwige en David noemt ze, omdat hij afstamt van Juda. Uiteindelijk wordt de mens genoemd, geschapen op de zesde dag. En David prijst G’d voor die zesdaagse scheppingsactie. De Eeuwige kan zegenen met Zijn geopende hand. En Hij kan Zijn gezicht verbergen, wat levensbedreigend kan zijn, of minstens lijken. In het boek Ester is dat zo, G’d onzichtbaar. Ergens midden in deze zesdaagse psalm weidt David uit over één van de vele soorten vruchten, die de Eeuwige laat voortkomen uit Zijn geschapen weelde aan gewassen. David zegt daar, “en wijn, die het hart van de mens verheugt, het gezicht laat glinsteren van olie; en brood, dat het hart van de mens versterkt” (vers 15).

Waarom zo uitweiden over wijn? Omdat wijn de basis vormt van de heilige momenten die we met de Eeuwige beleven. Deze heerlijke gefermenteerde vloeistof, die lang houdbaar is in het Midden-Oosten, werd gebruikt door de priesters in de Tempeldiensten als een offer, dat gedronken moest worden, zie Exodus 29:40. En wij gebruiken de wijn om de Sjabbat mee te openen en te sluiten. Het is dezelfde vloeistof (jajin in het Hebreeuws), die Noach dronken maakte, maar die priesters gebruikten om de Eeuwige mee te verhogen en te eren. Zoals de olie de kandelaar glinsterend laat branden. Het verheugende karakter van de wijn zorgt ervoor, dat er geen ware vreugde kan zijn zonder wijn, volgens Talmoed Pesachiem 109a. En met grote vreugde besluit David met: Barchie nafsjie et Adonai, prijs G’d mijn ziel.

januari 2016
Het Goede Nieuws is intuïtief te begrijpen. Dat is de reden dat een kind het kan vatten. Ons kaartje naar de hemel, kunnen we claimen, wanneer we begrijpen wat ooit Rachab heeft verkondigd, toen ze in gesprek was met twee geheime agenten in dienst van Jozua. Ze zei, “Toen wij dat hoorden, versmolt ons hart en vanwege jullie bleef er bij niemand meer enige moed over. Want de Eeuwige is jullie G’d. Hij is G’d in de hemel boven en op de aarde beneden” (Jozua 2:11). Ze toonde het inzicht dat de Eeuwige van Israël op die twee niveaus werkzaam is. En het aardse is bemand door G’d als de Messias. Wie dat erkent kan een ticket to heaven claimen, kinderen en volwassenen.

Het is iets anders, wanneer we een poging doen de bijbelteksten, waarop we onder meer ons geloof baseren, te begrijpen. In de Tora staat een aantal verzen, waarover onduidelijkheid bestaat. Een zo’n tekst is te vinden in de uitspraken die Jakob heeft gedaan over zijn zonen. In Genesis 49:6-7 staat over Sjim’on en Levi, dat hun toorn vervloekt dient te worden. Althans, dat is de Nederlandse vertaling. De Groot Nieuws Bijbel maakt er zelfs van, dat die twee mannen zelf vervloekt zijn.

De Hebreeuwse tekst is niet zo gemakkelijk te begrijpen. Want je kunt de tekst lezen in de zin, dat hun toorn vervloekt dient te worden. Maar net zo goed staat er letterlijk, “Wanneer ze boos zijn vellen zij mannen. En wanneer ze er behagen in scheppen verminken zij de pezen van ossen die vervloekt zijn.” Dat is dan vers 6. En vers 7 vervolgt, “Hun toorn is hevig en hun grimmigheid is hard… etc”. Met die vertaling zijn ze helemaal niet vervloekt, zelfs niet hun toorn. Dat maakt een groot verschil, voor hen die de hele Bijbel van kaft tot kaft als G’ds woord en dus belangrijk beschouwen.

We kunnen de vraag stellen waarom de Tora dergelijke onduidelijkheden vertoont. En let wel, de Bijbel maakt hier geen fout. De onduidelijkheid ligt bij ons, de lezers die de waarheid van de Bijbel in zijn geheel willen begrijpen. En daar komt het antwoord al: het ligt aan de lezer wat de vertaling wordt, waardoor de vertaling meer zegt over de vertaler dan over de tekst. G’ds woord is de waarheid, maar elke lezer heeft zijn of haar eigen versie van de waarheid. Aan onze keuzes meet de Eeuwige ons, ook in onze vertalingen.

Wat we dan moeten doen met deze vraagtekentjes: zeggen dat de tekst ons niet geheel duidelijk is. Dat mag. Dat moet, als je eerlijk wilt zijn over de waarheid. Vervolgens kunnen we nederig zijn over ons vermogen de Bijbel te begrijpen. Een andere opvatting over dat deel van de waarheid, daar in Genesis, kan net zo goed. Al is het beeld van Sjim’on en Levi veel milder, als ze niet vervloekt worden door vader Jakob, zelfs niet hun toorn. Uitroepteken! G’d is onmetelijk en wijzer dan wij kunnen bevatten. Zijn woord blijkt dat ook te zijn! Een goed en gezond 2016 toegewenst!

december 2015
Ik heb ooit een goochelaar een truc zien doen met kaarsen. Hij vroeg iemand uit het publiek om naar voren te komen. Het moest iemand zijn die hard kon blazen. Iemand kwam. De goochelaar stak een kaars aan en vroeg de persoon de vlam van de kaars uit te blazen. Die deed dat. Maar een halve seconde later brandde de kaars weer. Steeds opnieuw blies de vrijwilliger en steeds ging de kaars uit, om ook steeds weer aan te gaan en verder te gaan met branden. Het was een truc.

Ooit heeft de Eeuwige – die in het licht is en die zich hult in het licht (Psalm 104:2) – het Licht geroepen. Toen was er licht. We lezen dat in Beresjiet (Genesis, het eerste boek van de Tora). Als je goed telt zie je dat het woord licht (or) het 25ste Hebreeuwse woord is. De datum van Chanoeka valt precies op 25 Kislev. Het licht van de Eeuwige is zo belangrijk dat het bij de eerste scheppingsdaden staat genoemd. Dat licht moest zichtbaar blijven, toen Israël de Tent en de Tempel had. De Kandelaar (Menora) had de eer dat licht te dragen.

In het begin van de schepping van de wereld was er licht. En in het begin van de tijd na de Makkabeeën Oorlog tussen Israël en de Syrische legertroepen was er opnieuw licht. G’ds lichten priemen door de duisternis van de wereld en zullen nooit worden uitgedoofd. Misschien dat daarom dat vernieuwde licht van Chanoeka weer op 25 Kislev ging branden, als een voortzetting van het allereerste licht. De Syrische troepen hadden de heilige olie verontreinigd. Net als het altaar. Alles wat ze niet begrepen mocht niet bestaan.

Waarin verschilt heilige en pure olie in het kruikje, dat de verwoestende soldaten was ontgaan in hun zoektocht, met andere pure olie? Wetenschappelijk: niets. Heilige olie ziet er net zo uit als gewone pure olie en ruikt ook net zo. Het heilige is alleen te ontdekken door mensen die de Geest van de Eeuwige hebben ontvangen. Zoals de hele Bijbel geestelijk is en alleen te waarderen door geestelijke mensen (1 Korinte 2:14).

De G’d van de Bijbel gebruikt deze geestelijke rijkdommen om te laten zien, dat Hij het Licht nooit zal laten uitdoven. De goochelaar gebruikte een truc om mij onder de indruk te brengen. Maar zoveel meer ben ik onder de indruk gekomen van wat de Eeuwige allemaal doet om Zijn Licht te laten blijven bestaan. Wie in dat Licht gelooft is een kind van het Licht. Die begrijpt dat er onzichtbare zaken bestaan, zoals pure heilige olie, die anders is dan gewone pure olie.

Het verschil: degene die gelooft en weet dat de geestelijke waarheid in de Chanoeka tradities G’ds Licht zichtbaar maken. Alle geboden van de Bijbel hebben deze geestelijke, onzichtbare kant. Je doet ze, omdat je gelovig weet, dat in elk gebod G’ds licht zichtbaar wordt gemaakt. Bij elk lichtje van Chanoeka groeien we in dat geloof. Kinderen van het Licht zijn niet uit te doven! Stralend Chanoeka!

november 2015
De maand Tisjri is achter ons. Het is de maand waarin drie bijbelse feesten voorkomen. Voor ons allen was het een drukke tijd, met veel extra diensten. Het was en is altijd een tijd van veel spiritualiteit. Met als hoogtepunt het dansen met de Tora, waarmee we onze blijdschap uiten over de band die we met onze Papa in de hemel hebben. Mannen en vrouwen hebben met de sefer Tora gedanst, blik op oneindig en eeuwig; een moment van intieme relatie met de Eeuwige via Zijn Woord.

Nu is inmiddels de maand Chesjwan aangebroken. Het is niet de bedoeling dat we van feest tot feest leven, waarbij de gewone dagen er tussenin onbelangrijk zijn en slechts opstapjes tot de bijbelse feesten. De Joodse levenskunst is onder meer het beleven en praktisch invullen van de gewone dagen. En de feesten zijn bedoeld als opstapjes voor die gewone, praktische dagen.

Als de Eeuwige de hoge, spirituele dagen van de feesten als belangrijker had gezien, dan is het de vraag of Hij ooit de aarde als voetenbank had geschapen. De Eeuwige wilde juist een woonplaats in het aardse, zeggen de rabbijnen. Dat moet een doel van Zijn schepping zijn geweest. Dat verheft het aardse en het relativeert het geestelijke.

Al onze praktische, fysieke, van lekker eten en drinken genietende, hard werkende, rommel makende, worstelende, zorg hebbende, angst uitstaande, mislukkingen incasserende ervaringen horen bij ons geloof en ons geestelijk leven. Waarbij de Eeuwige niet een boeman is die alles ziet en straffen heeft klaarstaan. Maar waarbij Hij ons en onze levens erkent als belangrijk, door de relatie die we met Hem hebben.

De aardse plaats waar de Eeuwige graag verblijft, is de Tempel en is ons binnenste. Het mag duidelijk zijn dat de tweede Tempel in Jeruzalem indertijd op een plaats stond, die van zondag tot vrijdagmiddag was omgeven door de drukte van verkeer, schreeuwende kinderen, roepende marktkooplui en Romeinse soldaten.

Die plek had de Eeuwige bewust uitgekozen. Zoals hij ook ons binnenste uitkiest, met alle drukte van onze levens. En de momenten van rust, die we dan ook bewust moeten koesteren. Joden in Israël die zich in deze tijd beveiligen met pepperspray of een pistool kunnen zich verzekerd weten van de aanwezigheid van de Eeuwige die sluimert noch slaapt.

Kislev is de maand die zich hult in donkerte. Zoals de nacht de omgeving is, waarin het natuurlijk is om te slapen, zo is Kislev de maand, waarin de natuur haar winterslaap ingaat. Donkerte hoort bij het leven, zoals licht dat doet. Het was in de donkerte van de negende plaag in Egypte, dat Israël begon te beseffen dat zij niet bestonden uit individuen, maar uit volksgenoten. Het was in de donkerte van Kislev, dat het licht van de Tempelkandelaar weer ging branden. Dat vieren we pas weer in de maand december.

oktober 2015
Beth Yeshua bestaat nu 24 jaar. Vanaf het moment dat Elze en ik de gemeente hebben opgericht, hebben we drie basispunten voor ogen gehad, die het fundament vormen van onze gemeente. Het eerste punt is respect. Niets theologisch aan, maar veel moeilijker toe te passen, want het heeft te maken met gedragskwaliteit. Het liefhebben van de Eeuwige  en van je naaste is niet een theologisch gebod, maar een menselijk gedragspunt. Vanaf het begin is dit punt op de agenda geweest.

Sommige mensen vinden het punt vanzelfsprekend. Anderen vinden dat wie over respect spreekt mensen onderdrukt. Beide reacties zeggen veel over de degenen die ze hanteren. Respect tonen wanneer alles nieuw is, is niet moeilijk. Respect wanneer je iets wilt ontvangen is een makkelijk betaalmiddel. Respect in alle omstandigheden is een levenskunst.

Het tweede punt is de Tora. Het is een moeilijk punt, niet alleen voor mensen die altijd hebben gehoord dat de Wet vervuld-dus-afgedaan zou zijn, maar ook voor Joden die de onderdrukking van Joodse orthodoxie hebben verwisseld voor het opdoeken van de Tora. Vanaf de stichting van Beth Yeshua hebben we beseft, dat Tora niet zaligmakend is, maar wel een sleutel vormt tot het eeuwige leven, lees Matteüs 19 vers 16.

Misschien verwarrend. Maar begrijp dat die toegang pas kan ontstaan na de erkenning van het offer van de Messias, het derde punt. In onze gemeente is dit tweede punt altijd volledig aanwezig geweest. Maar de toepassing ervan hebben we geleidelijk laten indalen. Elke keer wanneer we iets te snel gingen, waren er mensen die meegroeiden en enkelen die afhaakten, wat begrijpelijk was en is. Dus is inderdaad het derde punt Yeshua.

Hem erkennen als de Messias is misschien geen probleem, maar als degene die voor Israël is gekomen was niet altijd even licht verteerbaar. Hem zien als een man van Zijn omgeving en Zijn volk en als woordvoerder van rabbijnse gelijkenissen is een van de unieke taken binnen onze gemeente. De Messias is veel Joodser dan vaak weergegeven.

Het Nieuwe Testament met zijn 1050 geboden lijkt veel meer op “de Wet” dan gedacht. De Tora is veel eigentijdser dan mensen soms beseffen. Het bewaren van het evenwicht tussen deze drie punten en ze alle drie evenveel prioriteit geven, is een interessante uitdaging geweest in het bestaan van onze gemeente.

In de 22 jaar van Beth Yeshua vertrokken mensen die alleen wilden leren en niet wensten toe te passen, die entertainment begeerden, maar niet wilden drinken. Laat staan stromen van levend water uitdelen. Dit is sinds het bestaan van Israël de realiteit. Krijg er oog voor. En besef dat de leiders van Israël altijd in de eerste plaats de Eeuwige hebben gediend en van Hem complimenten ontvingen. Beth Yeshua wordt gebouwd door de Eeuwige.

september 2015
De maand september is druk bezet met alle drie de herfstfeesten van de Eeuwige. Rosj HaSjana, het Nieuwjaar van Israël, begint zelfs al in het laatste stukje zomer, op 13 september a.s. met zonsondergang. Praktisch gesproken komen deze feesten altijd op dezelfde manier, namelijk eerst Rosj HaSjana, tien dagen later Jom Kippoer (grote Verzoendag) en 5 dagen later Soekot (Loofhuttenfeest). En dit jaar vindt dat allemaal plaats in die ene maand september.

Met je verstand bedenk je welke betekenis elk feest ook weer heeft. Zeven feesten plus twee moeten toch allemaal iets specifieks te zeggen hebben. Ze verschillen van elkaar. En als ze niet een oud overblijfsel zijn uit een 3500 jarig verleden en een interessant folkloristisch verschijnsel, maar ook bedoeld zijn voor nu, dan komt de vraag op zielsniveau: hoe zorg ik ervoor dat deze feesten voor mij hun waarde en betekenis houden.

Op die vraag is een simpel antwoord te geven. Vergelijk het met een spaarrekening, die je afsluit voor een kind. Niet zo’n gekke vergelijking, als je bedenkt dat in de gelijkenissen van Yeshua ook over een schat wordt gesproken en over geld als talenten. Een spaarrekening houdt zijn waarde als je daar af en toe in investeert. Ook een inkomen houdt zijn waarde, als het met kleine percentages toeneemt, om gelijk te blijven met de prijsverhogingen van producten.

Als je niet alleen gelijk wilt blijven voor wat betreft geldbedrag – en dus alleen minimaal investeert -, maar dat wilt laten toenemen in waarde, dan moet je forser investeren. Anders gezegd, hoe meer je investeert in de spaarrekening van je kind, des te meer kan het kind uiteindelijk daaruit ontvangen. Hetzelfde principe geldt voor de feesten. Als je ze op dezelfde waarde wilt houden als toen je ze voor het eerst ontdekte, moet je je er elke jaar opnieuw in verdiepen.

Maar als je er meer wilt uithalen en datgene wilt ontvangen, wat deze feesten te bieden hebben, dan moet je veel forser investeren. Hoe investeer je in de feesten? Hier een aantal suggesties:
– Neem je voor je alleen positief uit te laten in die komende 15 dagen. Noem even geen zorg, geen probleem met iemand.
– Breek met je gewone patronen en doe iets anders, zoals:
1. dans je nooit, dans dan nu wel mee;
2. sta je nooit bij het zingen van liederen in je gemeente, ga staan; je lichaamshouding beïnvloedt je hart;
3. ga je nooit naar boven om met iemand te praten, ga dan naar boven, al was het alleen maar om met je te laten bidden;
4. geef meer geld dan je van plan was te geven op de najaarsfeesten;
5. neem je bij elke dienst voor te genieten en te ontvangen, voordat je je huis verlaat;
6. Geef na elke dienst drie personen een compliment dat gemeend is.
Dat je veel nieuwe ervaringen zult hebben!

augustus 2015
Heb je je ooit afgevraagd hoeveel culturen en volken er aanwezig zouden kunnen zijn in je voorgeslacht? En hoeveel volken er hebben geleefd op de plaats waar je nu leeft? De stad Jeruzalem had al een lange geschiedenis achter zich, voordat koning David zich er vestigde. De stad wordt voor het eerst genoemd in Egyptische teksten, die zijn geschreven in een tijd ergens tussen 1900 en 1800 voor de gangbare jaartelling, de Midden­-Bronstijd.­

Het­ land, dat nu Israël­ heet, had­ toen de naam ­Retenoe­. Later werd het­ Kna’an,­ Kana’an,­ genoemd.­ Onder­ de­ in­ die­ geschriften ­genoemde­ steden­ vind­ je­ de­ naam­ Roesjalimoem.­ Het­ was­ in­ die­ tijd­ een­ belangrijke­ stad­, die­ in­ heuvelland­ lag.­ De­ stad­ had­ indertijd­ twee­ leiders,­ die­ Jekaram­ en­ Sjasan­ heetten.­

Een­ andere­ stad­ in­ die­ tijd ­is­ Sjchem­ (Sjechem).­ In­ de­ Bijbel­ is­ de­ stad­ die­ nu­ Jeruzalem­ heet,­ voor­ het­ eerst­genoemd­ in­ de­ geschiedenis­ van­ koning­ Melchisedek,­ die­ toen­ over­ Jeruzalem­ heerste.­ De­ stad­ heette­ indertijd Sjalem.­ Het­ voorvoegsel­ jeroe­ betekent:­ fundament,­ of­ hoeksteen.­ Sjalem­ is­ de­ naam­ van­ een­ belangrijke Semitische­ god­ geweest­, waarvan­ het­ centrum­ van­ aanbidding­ in­ deze­ stad­ heeft­ gelegen.­

“Hoogste­ G’d,­ schepper­ van­ hemel­ en­ aarde”, ­zo­ luidde­ zijn­ volledige­ naam.­ Dat­ kwam­ over­een­ met­ wat­ de­ Hebreeërs­ geloofden.­ De­ nog­ steeds­ bestaande­ bron­ Gichon­ was­ ook­ in die tijd ­een­ belangrijk­ middel­ om­ in­ leven­ te­ blijven.­ Ook­ in­ de­ late­ Bronstijd­, de Amarna periode genoemd (1550-1200­ voor­ g.j.)­ werd­ de­ stad­ en­ het­ gebied­ erom­ heen­ geregeerd­ door­ Kana’anitische­ koningen,­ bij­voorbeeld­ Abdi-Heba,­ die­ correspondeerde­ met ­de­ Egyptische­ farao­ Amenhotep­ IV.­

Zo­ lezen­ we­ In­ Jozua­ 10, de verzen­ 1­ en­ 3,­ over­ de­ Amoritische ­Adonisedek­, die­ koning­ was­ over­ Jeruzalem­ en werd­ gedood­ door­ Jozua.­ De­ Jebusieten­ die­ er­ later­ leefden,­ werden­ in­ de­ oorlog­ met­ David­ overwonnen.­ Het­ is­ dan­ inmiddels­ de­ IJzertijd ­(1200-1000­ v.g.j.).­ In­ 2­ Samuël­ 5:6-9­ en­ 1­ Kronieken­ 11:4-7­ staat­ dat­ de­ stad inmiddels­ in­ belangrijkheid was toegenomen­.

Jeruzalem was toen inmiddels ­omgeven­ door­ stevige­ versterkingen.­ De­ Jebusieten hadden de Hethieten verslagen. En In Jeruzalem gingen beide culturen op in de Joodse samenleving, zoals je leest in Ezechiël 16:3. Koning David veranderde de stad in een echte Israëlische stad. Hij vestigde er wat nu bekend is als de Stad van David (2 Samuël 5:7-9). De Feniciërs bouwden er zijn paleis (2 Samuël 5:11).

Zoveel volken, zoveel mensen met hun vaste over­tuigingen, hun geloof en eigen visie hebben gewoond op de plaats die nu Jeruzalem heet. Ieder­een vond wat hij of zij deed belangrijk. Plezier en kunst, muziek en dans, ruzies en veldslagen, de dood van geliefden, het was er allemaal ooit. En dat zal in ons voorgeslacht niet anders zijn.

Dat betekent niet dat we allemaal onbelangrijk zijn in het grote geheel. Juist niet. Het betekent dat we allemaal zelf de verantwoordelijkheid dragen om van ons leven het mooist mogelijke te maken. Voor jezelf. En samen met elkaar. Samen bouwen aan het mooiste in ons leven en dat van de ander.

juli 2015
Dit blog is geschreven in G’ds mooie Jeruzalem. Israël is het land van uitersten. Er wonen weinig rijke mensen en veel te veel arme mensen. Veel hightech in de wereld komt uit Israël, door de vele uitvinders die creatief verbeteren op erg veel gebieden. Heel veel overlevenden van de Holocaust die hier zijn gaan wonen, leven onder de armoedegrens.

Een ingenieur die we kennen werkt in een hightech bedrijf. Hij verdient zo weinig, dat zijn schoonvader hem en zijn vrouw financieel moet bijspringen om de hoogst nodige zaken te kunnen betalen. Een vriend van ons werkt in het leger. Hij is beroepsmilitair met een hoge rang. Maar hij verdient zo weinig dat hij en zijn gezin schulden hebben, waar ze geen uitweg voor weten. Opa’s en oma’s zijn super nodig.

Israël heeft een van de sterkste legers ter wereld, maar gedraagt zich zo voorzichtig in de afgelopen oorlogen dat ze nauwelijks van goede verdediging kunnen spreken. Wie hier geboren is weet niet beter, maar zoekt af en toe rust en ontspanning in landen die veiliger zijn. De spanningen van allebei fulltime moeten werken om een beetje inkomen te hebben en de voortdurende berichten van aanslagen en raketten veroorzaken voortdurend spanningen, waar je maar tegen moet kunnen.

Immigranten komen, maar vertrekken vaak ook weer, door de tegenvallende lage inkomens, ook voor hoog opgeleiden. Wie hier op latere leeftijd komt leven moet naast idealen ook gewoon realistisch berekenen of hij en zij er wel tegen kan, hier in de smeltkroes van het Midden-Oosten te wonen, met een andere taal, maar vooral met ook het verschil in cultuur. Voor dromers is hier geen plaats. Wel voor harde werkers, die zes dagen per week fulltime kunnen werken; parttime is onmogelijk hier.

Uitersten vind je ook onder de vele Joodse groeperingen die elkaar beconcurreren. Bekering door de ene groep kan volledig genegeerd worden door de andere. Geloof in Yeshua vraagt om een Joodse Messiasbelijdende gemeente. Maar gemeenten zoals Beth Yeshua zijn hier nauwelijks. Praten over Yeshua in je buurt maakt je een vreemdeling. En aan de andere kant is Israël het Land van de Belofte.

De regering onder premier Netanyahu moet knokken om eenheid te bewaren. Sommige leden van het parlement heulen met de vijand. Ook de Verenigde Naties dragen bij aan de wereldwijde haat tegen Israël. Je moet het maar kunnen verdragen. Prachtige landschappen, boeiende archeologische plaatsen, droogte en drinkwaterschaarste, kortom een land van uitersten. Zolang de Messias nog niet terugkomt is Israël een gewoon land met ongewone uitdagingen. En met een hete zomer voor de boeg. Niet pessimisme, maar realisme wint het hier van romantiek.

juni 2015
G’ds manier van optreden is niet te volgen. Zowel Zijn tijdstippen als de manier waarop Hij ingrijpt. Jesaja leert ons dat, wanneer de Eeuwige hem laat zeggen, ‘Mijn gedachten zijn niet jullie gedachten en jullie wegen zijn niet Mijn wegen, zegt de Eeuwige. Want zoals de hemel hoger is dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan jullie wegen en Mijn gedachten hoger dan jullie gedachten.’ Leer met dat vraagteken te leven, lijkt Jesaja te zeggen.

Dit feit helpt als je op een bepaald moment zou twijfelen of je Hem nog begrijpt. De woorden van Jesaja helpen ook, wanneer iemand je wel even zal vertellen wat de Eeuwige wil en hoe Hij dat aanpakt. Er lopen nu eenmaal buiksprekers rond, die G’d als een marionet dingen laten zeggen. Dat is makkelijker dan de hemelse vraagtekens te accepteren.

Zo een vraagteken laat zich zien bij deze Psalm van David, ‘Van David. Zegen de Eeuwige, mijn ziel, en alles wat in mij is, Zijn heilige naam. Zegen de Eeuwige, mijn ziel, en vergeet niet een van zijn liefdevolle daden. Hij, die al jouw ongerechtigheden vergeeft, die al jouw ziekten geneest, die jouw leven verlost van het graf, die jou kroont met goedheid en ontferming, die jouw ziel verzadigt met goedheid, zodat jouw jeugdigheid wordt vernieuwd als die van een arend’ (Psalm 103:1-5.

Het vraagteken staat bij de manier en het tijdstip van de genezing. Wanneer we daarmee kunnen leven staat die belofte recht overeind! De ziel wordt wel vaker aangesproken in de Psalmen, zie Psalmen 42, 57, 116 en 146. Maar de vijf keer in Psalm 103 (verzen 1, 2, 22) en doorlopend in 104 (zie 1, 35) horen daarin bij elkaar en vormen een eenheid.

Ze geven belangrijke momenten weer in ons leven, die ook weer overeenkomen met de vijf boeken van de Tora:

1. Genesis – geboorte van alle leven: onze geboorte, 2. Exodus – Uittocht van Israë en de vele niet-Jo0den die meegingen: onze bevrijding, 3. Leviticus – geestelijke voorschriften: onze geestelijke groei, 4. Numeri – oorlogen tegen Israël: onze geestelijke strijd; en 5. Deuteronomium – het uiteindelijke overlijden van Mosje: de tijd rond ons overlijden. De hint in deze verzen is, dat we onze ziel aanspreken.

Aandacht schenken aan je diepste zelf, daar gaat David ons in voor. En uiteindelijk wordt je ziel verzadigd met jeugdigheid, zie vers 5. Het woord voor ziel (adi) betekent ook: sieraad. Het wordt tijd dat we onze ziel zien als ons sieraad. En dat we dat sieraad verzadigen met jeugdigheid. Je gezicht zal er jonger uitzien. Je denken wordt meer out of the box, origineel en creatief.

In deze bij elkaar horende vijf ontmoetingen met zijn ziel spoort David zijn sieraad aan de Eeuwige te zegenen. David is een musicus van geestelijke liederen, dus bij hem komt dat min of meer vanzelf. En wanneer min de overhand heeft, spreekt hij zijn sieraad daarop aan. Geweldige tip van koning David! Ga goed om met je sieraad!

mei 2015
Binnenkort is het Wekenfeest. Pinksteren ook wel genaamd. Op 24 mei, dat is 6 Siewan, zijn we uitgeteld en sluiten we de periode af, die met Pesach was begonnen. Het is de periode van weggaan uit Egypte tijdens verdrukking, gesymboliseerd door de matses; van reizen door de woestijn en tellen naar Wekenfeest; en van staan rond de berg Sinaï met Joden en niet-Joden en de Tora ontvangen. De periode duurt 7 keer 7 dagen plus een dag, tellend vanaf de tweede dag Pesach, zoals de Tora het voorschrijft.

Dat zal niet voor niets lijken op de herstelperiode die de Eeuwige heeft aangekondigd aan de profeet Daniël. Via de engel Gabriël liet de Eeuwige weten dat er een periode zou aanbreken van zeventig keer zeven stappen: ‘Zeventig zevens zijn bepaald over jouw volk en jouw heilige stad, om de overtreding te voleindigen, de zonde af te sluiten, de ongerechtigheid te verzoenen, en om eeuwige gerechtigheid te brengen, visioen en profeet te bezegelen en de meest heilige te zalven’ (Daniël 9:24).

De tijd van de vijftig dagen was een periode van detoxen, ontgiftigen, zoals mensen dat in een kliniek meemaken, waar ze kunnen loskomen van bepaalde verslavende middelen. Egypte had vergif geplant. Geestelijk vergif. Dat ging er niet automatisch en ineens uit. Net zo goed in onze tijd zie je hoe tradities sterk kunnen blijven in de ziel van mensen, ook in gelovigen. Gelukkig zijn ion Beth Yeshua verreweg de meeste mensen ontgiftigd op het gebied van bijvoorbeeld de bijbelse positie van de vrouw en van de open Joodse manier van denken, in plaats van de gesloten manier van vroeger.

De mensen die het gouden kalf hadden laten maken waren er heilig van overtuigd dat ze goed bezig waren. Totdat ook voor hen de kracht van de Tora mocht gaan gelden, die op de vijftigste dag was gepubliceerd, wat om die reden Wekenfeest wordt genoemd. De inhoud van de Tora is geestelijk, lees het in Romeinen 7:14. Een ongeestelijk mens aanvaardt dat niet, lezen we in 1 Korinte 2:14. Wat is geestelijk? Je kunt beweren dat je de Geest hebt. Maar hoe bewijs je dat aan jezelf en aan anderen?

Een geestelijk mens is nederig en transparant. Een belangrijke beslissing (een relatie verbreken, je gemeente verlaten, etc.) zal dan altijd vanuit verootmoediging genomen worden en pas nadat de geestelijke mens daarover met een bestuur heeft gesproken. Een geestelijk mens is corrigeerbaar en altijd uit op oplossingen vinden en eenheid bevorderen. Dat waren de uitdagingen die Israël tegemoet kon zien bij het ontvangen van de Tora.

Dat bij het ontvangen van de Tora de Geest van de Eeuwige betrokken is, mag dus duidelijk zijn, maar dat is bij elk feest het geval en elke Sjabbat. En zo is ons aanstaande Wekenfeest opnieuw zo’n uitdaging. Ga verder met je detoxen. En als je slaagt wordt het een echt feest!

april 2015
Pesach is een feest dat zich tegenwoordig richt op schoonmaak en eten en drinken dat kosjer voor Pesach moet zijn. Maar de oorspronkelijke betekenis is bevrijding, die verliep door middel van klappen toebedeeld aan de vijand, van bloed aan deuren, van ongerezen brood met bittere kruiden en van gebraden lamsvlees, waarvan geen bot gebroken mocht worden. Als er één feest is, waarin het optreden van de lijdende Messias zichtbaar is gemaakt, dan is het Pesach. En dat moest ook. Want bevrijding zonder kennis van de Messias is niet volledig.

De beelden spreken voor zich, wanneer we die verbinden met de Messias, Yeshua. Binnen in mensen doen ze hun bevrijdend werk. Bijvoorbeeld als volgt. De klappen jegens de vijand leren ons dat de vijand van de G’d van Israël geen genade getoond wordt. Wanneer die vijand zich richt op Israël en haar soulmates is en voor genade en vergeving evenmin plaats. Dat is bijbels en draagt bij aan bevrijding.

Ongerezen brood leert dat we haast moeten hebben en dus een groot verlangen naar
vernieuwing en herstel. Na een tijd van gewenning aan de eigen gedachten gaat een mens lijken op de kikker die in steeds warmer water is en denkt dat alles nog steeds hetzelfde is en dan hij best goed bezig is. Bevrijding van je eigen beperkte gedachten is nodig, omdat we vaak niet in staat zijn zelf in te zien wat we niet goed doen.

Bittere kruiden is symbool van bitterheid en zaken die ons pijn hebben gedaan, maar die we zo hebben gelaten. We zijn slachtoffer geworden van ons gebrek aan vechtlust. Dat gaf wel rust, maar ook bitterheid, want we hadden vrede gesloten met onrechtvaardigheid van anderen en ook die van onszelf. En gebraden lamsvlees is het beeld van het onschuldige kind in onszelf, een lammetje, dat het vuur na aan de schenen gelegd krijgt. En het leert in te zien, dat zoiets niet het einde betekent en geen onoverkomelijke ramp is, maar een tussenfase, die zal overgaan in iets beters.

Ongebroken botten betekent voor onze ziel, dat we mogen beseffen dat we in de
grootste druk onze structuur behouden. De ergste ervaringen krijgen ons niet klein, maar dragen bij aan wie de Eeuwige ons wil laten zijn. En zo wordt Pesach het feest, waarop we de rekening opmaken en onze kneuzingen en verwondingen in kaart
brengen en verplegen. En het wordt het feest, waarop we onze zegeningen tellen.

Pesach valt in de oogsttijd van graan, net als Wekenfeest. Het beeld van oogst is: de
hemel die groei en vrucht dragen mogelijk maakt, tegen de verdrukking in en het licht
tegemoet. Brood uit de aarde, waar de vrucht sterft, zodat die ontdaan wordt van trots en oude natuur. Zo wordt de vrucht nieuw. Pesachschoonmaak van ons huis is OK, als we ook Pesachbevrijding beoefenen

maart 2015
In Israël groeit het aantal rabbijnen dat het Jodendom wil terug laten groeien naar wat het oorspronkelijk is geweest. Op gebieden als bekering, echtscheiding, vrouwen die met de Tora dansen en veel meer, zijn zij aktief. De wurggreep van het gevestigde orthodoxe Jodendom in Israël maakt mensen vaak ongelukkig en behandelt hen regelmatig onrechtvaardig. Bekeringen worden niet erkend, als ze niet precies gaan, zoals een kleine groep rabbijnen dat voorschrijft. Mannen kunnen een volgende vrouw trouwen en hun eerdere vrouw geen rituele echtscheiding gunnen. De man gaat vrolijk verder met zijn leven, terwijl de eerdere vrouw in rituele gevangenschap leeft. En als ze haar get, haar scheidsbrief, alsnog krijgt en ze doet of zegt één ding of woord verkeerd, dan wordt ze afgewezen.

Moed
Dansen en spreken is streng verboden voor vrouwen in veel synagogen. Een groep orthodoxe rabbijnen die vernieuwing wil, beter gezegd, herstel van het oorspronkelijke, heeft zich verenigd tot de Tsohar Rabbijnen, Rabbanee Tsohar. Het eist veel moed en doorzettingsvermogen van hen, hun streven tot uitvoer te brengen; zie onder meer de brandstichting in hun synagoge in Tel Aviv. Het eist ook veel moed van Messiasbelijdende Joden in Israël, hun geloof in Yeshua te beleven in hun gemeenten. Tegenwerking en verzet, ontslag en fysiek geweld komen vaker voor, dan godsdienstvrijheid zou voorschrijven.

Besef
In onze gemeente Beth Yeshua is gezamenlijk besloten vrouwen met de Tora te laten dansen. Dat kost moed, want het is in het gevestigde Jodendom niet geaccepteerd. Verzet tegen dat dansen kost veel minder moeite en moed, dan het toelaten ervan. Ook kost het veel minder moed je te verzetten tegen het lezen door vrouwen uit de Tora. Dit artikel roept op tot besef van wat er in de wereld gaande op het gebied van de deelname van vrouwen in de synagogale diensten. De rabbijnen van Tsohar erkennen, dat ze geen enkel argument hebben kunnen vinden in de Tora, dat die deelname verbiedt. Dus vechten deze moedige rabbijnen tegen de gevestigde orde, die niet van verandering houdt, verandering die hen voor hun gevoel verlaagt in macht en controle. Vanaf februari zullen vrouwen in Beth Yeshua ook mogen meelopen met de rondgang van de Tora op Sjabbat. De Rabbanee Tsohar zien ook daarin geen enkel bezwaar, evenmin als de oudsten van Beth Yeshua.

Orthodoxe rabbijn noemt Yeshua zijn rabbijn
Boeiend is ook hoe men nu in Israël de Messias begint te zien. Shlomo Riskin bijvoorbeeld, orthodox Opperrabbijn in Efrat, Israël, noemt Yeshua zijn Rabbi Jesus. Daar heeft hij veel moed voor nodig. Besef hoeveel moed het kost, een nieuwe gewoonte in te stellen in onze gemeente. De Geest van de Eeuwige gaat door met Zijn vernieuwing, zie Jesaja 43:18-19, ‘Denk niet aan wat vroeger de traditie was en let niet op wat ooit de opvattingen waren. Ik maak iets nieuws. Het zal nu uitspruiten. Daar moet je toch aandacht aan schenken! Ik zal een weg in de woestijn maken en rivieren in de wildernis.’  Wij met elkaar behoren tot de moedige gelovigen die Zijn vernieuwing opmerken en toepassen.

Lion Erwteman

JEUGDGROEPEN:

baby’s van 0 tot 2½ jaar: Gan Tinokot
peuters van 2½ tot 5 jaar: Gan Jeladiem
kinderen van 5 tot 8 jaar: Beth Jeladiem
kinderen vanaf 8 jaar tot bar en bat mitswa leeftijd: Beth Chinoech
tieners tussen bar en bat mitswa leeftijd en 15 jaar: Beth haNoar
jeugdgroep vanaf 15 jaar: Lev


Wat is een Joodse Messiasbelijdende gemeente?

Dat is een gemeente die bestaat uit Joodse discipelen van Yeshua. Dat biedt een ruimte, waar Joden hun geestelijk thuis vinden wanneer zij de Messias hebben leren kennen. En die haar deuren hartelijk opent voor niet-Joden om zich van harte aan te sluiten. Een Joodse gemeente waar genade en waarheid de aloude pijlers zijn van het geloof, naast de Tora en de Messias. Joodse liturgische gebeden naast zang en dans, Hebreeuwse lezingen uit de Torarol en de Profeten naast lezingen uit het Nieuwe Testament. Regels naast respect voor andersdenkenden, dat alles en meer.

Waarom een Joodse Messiasbelijdende gemeente?
Vanaf de uittocht uit Egypte hebben Joden samen met niet-Joden hun geloof beleden en hun leven gedeeld. Een menigte van allerlei slag trok mee met Israël, de vrijheid tegemoet. Later zou de Tempel een gebedshuis worden voor alle volken, zie Jesaja 56. Waar Joden en niet-Joden de Sjabbat vieren en hun slachtoffers brengen. Dus met een Joodse basis van geloofsinvulling, naast een persoonlijke geloofsbeleving. Zoals de gelijkenis van de Olijfboom, zie Romeinen 11, ook die Joodse basis aangeeft.

Beth Yeshua (info@beth-yeshua.nl)
Beth Yeshua is een Joodse Messiasbelijdende gemeente, opgericht door Lion en Elze Erwteman (zie forto) op het Loofhuttenfeest in 1991. De gemeente is gevestigd in het Amsterdam van de 21e eeuw. In Beth Yeshua wordt het Joodse geloof gepraktiseerd, zoals dat in de 1e eeuw in Jeruzalem en andere steden en dorpen in Israël werd gedaan door Joden en niet-Joden, die toen al begrepen dat het mogelijk is Joods te zijn en in Yeshua als de Messias te geloven. Beth Yeshua: een Joodse Messiasbelijdende Gemeente met een geopende deur.