Unieke zonnestand met Pesach 2009

Deze maand, Niesan, is het begin van het nieuwe jaar. Israël kent vier kalenders en vier vieringen van nieuwjaar. En dit is er één van, een heel belangrijke. De Eeuwige heeft van dit nieuwe jaar gezegd: Deze maand moet voor jullie het begin zijn van de maanden. Deze zal voor jullie de eerste zijn van de maanden van het jaar (Sjemot/Exodus 12:2). Bovendien heeft Israël deze maand altijd gesteld tot het begin van de telling van een regeerperiode van de koningen. En de pelgrimstochten voor de opgangfeesten begonnen altijd met deze maand. Zuurdesem wegdoen, schoonmaak en reiniging, oud vuil, stof van een jaar, oude verkeerde methodes en aanpak, reacties vanuit je eigen pijn in plaats van de nagecheckte bedoeling van de ander, het is op die manier een drukke maand.

Dit jaar 2009 is er een bijzondere zonnestand op de datum van 14 Niesan, 8 april aanstaande. De Joodse berekening van het jaar kent een cyclus van 28 jaar. Dat is de grote cyclus kusd ruzjn (machzor gadol). Na deze cyclus staat de zon weer op het punt waarop hij stond toen de wereld werd geschapen (Bavli Berachot 59b).

De zon werd geschapen op de vierde scheppingsdag, een woensdag. Dus op de vooravond daarvan, dat is dit jaar op dinsdagavond 7 april, staat de zon precies op dat punt. En daarna weer over 28 jaar. Op dat moment wordt een beracha gezegd. Die beracha heet vnjv ,frc (birkat hachama): 
.,hatrc vagn vag okugv lkn ubheukt ‘v v,t lurc 
(baroech ata Hasjem Elohenoe melech ha’olam osee ma’asee b’resjiet.) Gezegend bent U, Eeuwige onze G’d, U die de werken doet van de schepping.

Deze twee zaken, schoonmaak vanwege de Pesach, en beginpunt van de grote zonnecyclus, hebben met elkaar te maken. Beide gaan over de terugkeer naar het begin wanneer alles goed is verklaard door de Eeuwige. De fijnste stofvlokje en vetvlek in huis en de grote zon laten ons, ieder op hun eigen manier, zien dat het weer tijd is voor herstel van onze waardigheid. Waardigheid die niet ten koste van anderen, maar die juist rekening houdt met de ander.

Beide gaan over waardigheid die ons afhoudt van veroordeeld worden door anderen en vooral ook door onszelf. Waardigheid die het beste voor ons wil, maar dan in G’ds ogen, niet vanuit onze egoïstische manieren. Waardigheid die opruiming houdt onder onze opslag van pijn, boosheid en zelfvernietiging. Dan valt er nog heel wat schoon te maken. Laten we er een feestelijke Pesach van maken, waarbij de het oude stof en zuurdesem buiten ons en binnenin ons radicaal wordt opgedoekt. Pesach kasjer!