Wajikra

Het middelste deel van de Tora is nu begonnen, Wajikra (Leviticus). Dit begint met de beschrijving van de diverse offers, zoals deze in de Misjkan en later in Bet HaMikdasj (de Tempel) zijn uitgevoerd. We lezen over brandoffers, spijsoffers, vredeoffers, zondeoffers en schuldoffers. Het is best moeilijk om na te gaan welke van deze offers Yeshua nu precies heeft vervuld toen Hij Zijn grote en enig zaligmakende offer bracht. In de studie op deze Sjabbat en die van 15 Adar II (26 maart) vertel ik u daar meer over. Ook is het interessant om te beseffen dat Yeshua in Matteüs 5:17 heeft gezegd dat Hij niet is gekomen om de Tora of de Profeten als niet meer geldig te verklaren. Hoe moeten we dat zien in verband met de offers, nu dat de Tempel er niet is? We weten dat Hij hèt offer heeft gebracht, maar toch is de Tora geldig, inclusief de offers. Dit zien we goed uitgebeeld op het moment dat Paulus dierenoffers laat brengen voor de Nazireeërgelofte die een aantal mannen in Jeruzalem hebben afgelegd, zie Handelingen 21:26.

Deze Sjabbat is Sjabbat Zachor, het woord dat we ook vinden in de naam Zacharia. Het is de Sjabbat van het terugdenken aan de aartsmisdadiger Amalek. Deze man werd geleid door een macht van duisternis, die vernietiging bracht over Israël. Deze macht bestaat nog steeds en bestuurt de vijanden van Israël, zowel in het land Israël als daarbuiten, zowel gericht tegen orthodoxe, liberale als Messiasbelijdende Joden. De bijbelse opdracht is om ooit, als er volkomen rust is aangebroken, de herinnering aan Amalek volkomen weg te vagen. Daar moeten we nu al mee beginnen. Dus is het belangrijk om onze motieven na te gaan en te zien of er ook maar het minste aan vijandschap tegen Israël, als volk, als land, of tegen welk individu ook, bestaat. Verwijder het uit u. Dan treft u geen oordeel op het moment dat de opdracht beschreven in Dewariem (Deuteronomium) 25:17-19 uitgevoerd gaat worden.

De ernstige woorden van Yeshua die we bijvoorbeeld lezen in Marcus 3:29 over de onvergeeflijke zonde, vinden we eerder in Genesis 25:32 en in 1 Samuël 15, de lezing verbonden met Sjabbat Zachor. Esau heeft zon zonde begaan en wordt niet meer vergeven (zie Hebreeën 12:16,17), evenals koning Saul. Waar gaat dat over? Over het niet herkennen dat iemand door de Heilige Geest wordt geleid. Dat komen we tegenwoordig best veel tegen. Mijn collega en vriend Joseph Shulam hoort het af en toe tegen zich uitspreken. Ik geloof dat hij wel door de Heilige Geest wordt geleid. Dat zou betekenen dat degene die beweert dat dit niet zo is, een onvergeeflijke zonde heeft uitgesproken. Opletten geblazen! En vrolijk Poeriem.